2.50
Hdl Handle:
http://hdl.handle.net/10029/10317
Title:
BodemGebruiksWaarden; Methodiek en uitwerking
Authors:
Lijzen JPA; Swartjes FA; Otte P; Willems WJ
Other Titles:
Soil-use specific remediation objectives
Abstract:
In 1997 the Dutch Government decided to change the approach of the Soil Clean-up policy concerning soil contamination prior to 1987. One of the decisions was to change the multifunctional approach for soil clean-up objectives to objectives dependent on the current or future use of the soil, distinguishing between mobile and immobile soil contamination. The RIVM was asked to develop soil clean-up objectives for immobile soil contamination, with the goal of creating a situation in which the human and environmental risks are of an acceptable level. In the ensuing investigation, four classes of soil use were distinguished: I. residential and recreational green areas; II. non-recreational green areas; III. built-up and paved areas; IV. agricultural and nature areas. For each class of soil use requirements were formulated and soil quality criteria selected to meet the requirements as adequately as possible. Soil-use specific clean-up objectives (abbreviated in Dutch as BGW) were derived by choosing the lowest value of these quality criteria. These objectives are based on the human-toxicological quality criteria, general ecotoxicological quality criteria (for organisms, soil processes and plants) and quality criteria for other specific requirements (for agricultural functions). For the classes I and II, BGWs have been derived for seven heavy metals, arsenic, poly-aromatic hydrocarbons (PAH), DDTs and drins. No BGWs have been derived for class III because in accordance with policy no requirements have been formulated for this type of soil use. For the agricultural functions within class IV, quality criteria already applied in agricultural practice can be used. Revision of these quality criteria will lead to BGWs for agricultural and nature areas in the near future. For nature areas a location-specific risk assessment will be required, along with a tailored approach to soil remediation.; Het Kabinet heeft in 1997 besloten tot een herziening van de aanpak van de bodemsanering in Nederland. Een van de elementen is de keuze voor een functiegerichte saneringsdoelstelling afgestemd op het (beoogde) gebruik van de bodem. Aan het RIVM is gevraagd om, mede op basis van beleidsmatige keuzes, saneringsdoelstellingen voor immobiele verontreinigingen uit te werken in de vorm van BodemGebruiksWaarden (BGW's). Doel hiervan is ontoelaatbare risico's voor mens en ecosystemen te voorkomen en onbelemmerd functioneren te waarborgen bij het (beoogde) gebruik van de bodem. Aangezien de blootstelling van mens en ecosystemen, afhankelijk van het gebruik van de bodem, voornamelijk bepaald wordt door de kwaliteit van de bovenste laag van de bodem (contactzone), zijn de BGW's specifiek op deze laag van toepassing. Deze rapportage beschrijft de methodiek en uitwerking van de BGW's. Vier clusters van bodemgebruiksvormen zijn onderscheiden: I. Wonen en intensief gebruikt (openbaar) groen; II. Extensief gebruikt (openbaar) groen; III. Bebouwing en verharding; IV. Landbouw en natuur. Daarbij is uitgegaan van normaal bodemgebruik. Voor de clusters I t/m III zijn achtereenvolgens: bodemgebruikseisen gesteld; bijbehorende bodemkwaliteitseisen bepaald; en BodemGebruiksWaarden (BGW's) afgeleid. De gehanteerde bodemkwaliteitseisen zijn gebaseerd op: humane risico's, risico's voor ecosystemen en andere risico's of kwaliteitskenmerken (waaronder de LAC-signaalwaarden). Voor situaties die niet binnen de clustering van bodemgebruik passen en voor bijzonder bodemgebruik kan een locatiespecifieke benadering worden gevolgd (maatwerk). Voor de clusters I en II zijn BGW's afgeleid voor zware metalen, arseen, PAK, DDTs en drins. Voor cluster III zijn geen BGW's afgeleid, omdat hieraan beleidsmatig geen gebruikseisen zijn gesteld. De BGW's liggen tussen de streef- en interventiewaarden. Voor bodemgebruik in cluster IV zijn beleidsmatig (voorlopig) de LAC-signaalwaarden van toepassing verklaard voor agrarische functies.
Affiliation:
LBG
Publisher:
Rijksinstituut voor Volksgezondheid en Milieu RIVM
Issue Date:
24-Oct-2003
URI:
http://hdl.handle.net/10029/10317
Additional Links:
http://www.rivm.nl/bibliotheek/rapporten/711701016.html
Language:
nl
Series/Report no.:
RIVM Rapport 711701016
Appears in Collections:
RIVM reports - old archive

Full metadata record

DC FieldValue Language
dc.contributor.authorLijzen JPAen_US
dc.contributor.authorSwartjes FAen_US
dc.contributor.authorOtte Pen_US
dc.contributor.authorWillems WJen_US
dc.date.accessioned2007-03-09T17:04:55Z-
dc.date.available2007-03-09T17:04:55Z-
dc.date.issued2003-10-24en_US
dc.identifier711701016en_US
dc.identifier.urihttp://hdl.handle.net/10029/10317-
dc.description.abstractIn 1997 the Dutch Government decided to change the approach of the Soil Clean-up policy concerning soil contamination prior to 1987. One of the decisions was to change the multifunctional approach for soil clean-up objectives to objectives dependent on the current or future use of the soil, distinguishing between mobile and immobile soil contamination. The RIVM was asked to develop soil clean-up objectives for immobile soil contamination, with the goal of creating a situation in which the human and environmental risks are of an acceptable level. In the ensuing investigation, four classes of soil use were distinguished: I. residential and recreational green areas; II. non-recreational green areas; III. built-up and paved areas; IV. agricultural and nature areas. For each class of soil use requirements were formulated and soil quality criteria selected to meet the requirements as adequately as possible. Soil-use specific clean-up objectives (abbreviated in Dutch as BGW) were derived by choosing the lowest value of these quality criteria. These objectives are based on the human-toxicological quality criteria, general ecotoxicological quality criteria (for organisms, soil processes and plants) and quality criteria for other specific requirements (for agricultural functions). For the classes I and II, BGWs have been derived for seven heavy metals, arsenic, poly-aromatic hydrocarbons (PAH), DDTs and drins. No BGWs have been derived for class III because in accordance with policy no requirements have been formulated for this type of soil use. For the agricultural functions within class IV, quality criteria already applied in agricultural practice can be used. Revision of these quality criteria will lead to BGWs for agricultural and nature areas in the near future. For nature areas a location-specific risk assessment will be required, along with a tailored approach to soil remediation.en
dc.description.abstractHet Kabinet heeft in 1997 besloten tot een herziening van de aanpak van de bodemsanering in Nederland. Een van de elementen is de keuze voor een functiegerichte saneringsdoelstelling afgestemd op het (beoogde) gebruik van de bodem. Aan het RIVM is gevraagd om, mede op basis van beleidsmatige keuzes, saneringsdoelstellingen voor immobiele verontreinigingen uit te werken in de vorm van BodemGebruiksWaarden (BGW's). Doel hiervan is ontoelaatbare risico's voor mens en ecosystemen te voorkomen en onbelemmerd functioneren te waarborgen bij het (beoogde) gebruik van de bodem. Aangezien de blootstelling van mens en ecosystemen, afhankelijk van het gebruik van de bodem, voornamelijk bepaald wordt door de kwaliteit van de bovenste laag van de bodem (contactzone), zijn de BGW's specifiek op deze laag van toepassing. Deze rapportage beschrijft de methodiek en uitwerking van de BGW's. Vier clusters van bodemgebruiksvormen zijn onderscheiden: I. Wonen en intensief gebruikt (openbaar) groen; II. Extensief gebruikt (openbaar) groen; III. Bebouwing en verharding; IV. Landbouw en natuur. Daarbij is uitgegaan van normaal bodemgebruik. Voor de clusters I t/m III zijn achtereenvolgens: bodemgebruikseisen gesteld; bijbehorende bodemkwaliteitseisen bepaald; en BodemGebruiksWaarden (BGW's) afgeleid. De gehanteerde bodemkwaliteitseisen zijn gebaseerd op: humane risico's, risico's voor ecosystemen en andere risico's of kwaliteitskenmerken (waaronder de LAC-signaalwaarden). Voor situaties die niet binnen de clustering van bodemgebruik passen en voor bijzonder bodemgebruik kan een locatiespecifieke benadering worden gevolgd (maatwerk). Voor de clusters I en II zijn BGW's afgeleid voor zware metalen, arseen, PAK, DDTs en drins. Voor cluster III zijn geen BGW's afgeleid, omdat hieraan beleidsmatig geen gebruikseisen zijn gesteld. De BGW's liggen tussen de streef- en interventiewaarden. Voor bodemgebruik in cluster IV zijn beleidsmatig (voorlopig) de LAC-signaalwaarden van toepassing verklaard voor agrarische functies.nl
dc.format.extent3106000 bytesen_US
dc.format.extent3179955 bytes-
dc.format.mimetypeapplication/pdf-
dc.language.isonlen_US
dc.publisherRijksinstituut voor Volksgezondheid en Milieu RIVMen_US
dc.relation.ispartofseriesRIVM Rapport 711701016en_US
dc.relation.urlhttp://www.rivm.nl/bibliotheek/rapporten/711701016.htmlen_US
dc.subject.othersoil pollutionen
dc.subject.othersoil remediationen
dc.subject.otherland useen
dc.subject.otherrisksen
dc.subject.otherexposureen
dc.subject.otherclassificationen
dc.subject.otherbodemverontreinigingnl
dc.subject.otherbodemsaneringnl
dc.subject.othergrondgebruiknl
dc.subject.otherrisico'snl
dc.subject.otherblootstellingnl
dc.subject.otherclassificatienl
dc.subject.otherimmobielnl
dc.subject.otherfunctiegerichtnl
dc.subject.othersaneringsdoelstellingnl
dc.subject.othergebruikseisennl
dc.subject.otherbgwnl
dc.titleBodemGebruiksWaarden; Methodiek en uitwerkingen_US
dc.title.alternativeSoil-use specific remediation objectivesen_US
dc.contributor.departmentLBGen_US
All Items in WARP are protected by copyright, with all rights reserved, unless otherwise indicated.