Biodegradatie xenobiotica VI: Onderzoek naar de persistentie van het vermogen om tolueen af te breken in Pseudomonas putida mt-2. Interimrapport 1988/1989

2.50
Hdl Handle:
http://hdl.handle.net/10029/256494
Title:
Biodegradatie xenobiotica VI: Onderzoek naar de persistentie van het vermogen om tolueen af te breken in Pseudomonas putida mt-2. Interimrapport 1988/1989
Authors:
Duetz WA; Bogte JJ; Andel JG van
Other Titles:
Biodegradation xenobiotics: Study on the persistence of the capability for the biodegradation of toluene in Pseudomonas putida mt-2. Second progress report
Abstract:
Het vermogen van Pseudomonas putida mt-2 om tolueen af te breken is vastgelegd op een TOL-plasmide. Onder bepaalde omstandigheden blijkt het vermogen om tolueen af te breken, spontaan verloren te gaan. Dit is mogelijk het gevolg van het verlies van het plasmide. In deze studie is het verlies van het tolueen-afbrekend vermogen kwantitatief onderzocht in continucultuur. Dit is een kweekmethode waarbij d.m.v. een gelimiteerd aanbod van een bepaalde nutrient de natuurlijke situatie zo goed mogelijk wordt nagebootst. De invloed van het limiterende nutrient en de groeisnelheid werden onderzocht. Bij de geteste groeisnelheid bleek bij een gelimiteerd aanbod van de koolstofbron of de zwavel-bron verlies van het tolueen afbrekend vermogen eerder en sneller plaats te vinden dan onder fosfaat- en stikstof limitatie. Met lage groeisnelheden blijkt het plasmide-verlies onder koolstoflimitatie sneller te verlopen dan bij hoge groeisnelheden. Juist onder de proces-omstandigheden die in de praktijk vaak voorkomen (koolstoflimitatie, lage groeisnelheid) blijkt het handhaven van de plasmide-gecodeerde afbraakweg een sterk groeinadeel voor zijn gastheer te kunnen veroorzaken. Deze studie maakt duidelijk dat de stabiliteit van het tolueen afbrekende vermogen afhankelijk is van diverse procesparameters. De resultaten zijn niet slechts van belang voor de afbraak van tolueen maar eveneens voor de afbraakmogelijkheden van de meeste gehalogeneerde en aromatische verbindingen aangezien die ook gecodeerd liggen op plasmiden en deze plasmiden onderling grote verwantschap vertonen.

Abstract not available
Issue Date:
31-May-1989
URI:
http://hdl.handle.net/10029/256494
Additional Links:
http://www.rivm.nl/bibliotheek/rapporten/738517006.html
Type:
Onderzoeksrapport
Language:
nl
Sponsors:
DGM/A
Appears in Collections:
RIVM official reports

Full metadata record

DC FieldValue Language
dc.contributor.authorDuetz WA-
dc.contributor.authorBogte JJ-
dc.contributor.authorAndel JG van-
dc.date.accessioned2012-12-12T14:07:21Z-
dc.date.available2012-12-12T14:07:21Z-
dc.date.issued1989-05-31-
dc.identifier738517006-
dc.identifier.urihttp://hdl.handle.net/10029/256494-
dc.description.abstractHet vermogen van Pseudomonas putida mt-2 om tolueen af te breken is vastgelegd op een TOL-plasmide. Onder bepaalde omstandigheden blijkt het vermogen om tolueen af te breken, spontaan verloren te gaan. Dit is mogelijk het gevolg van het verlies van het plasmide. In deze studie is het verlies van het tolueen-afbrekend vermogen kwantitatief onderzocht in continucultuur. Dit is een kweekmethode waarbij d.m.v. een gelimiteerd aanbod van een bepaalde nutrient de natuurlijke situatie zo goed mogelijk wordt nagebootst. De invloed van het limiterende nutrient en de groeisnelheid werden onderzocht. Bij de geteste groeisnelheid bleek bij een gelimiteerd aanbod van de koolstofbron of de zwavel-bron verlies van het tolueen afbrekend vermogen eerder en sneller plaats te vinden dan onder fosfaat- en stikstof limitatie. Met lage groeisnelheden blijkt het plasmide-verlies onder koolstoflimitatie sneller te verlopen dan bij hoge groeisnelheden. Juist onder de proces-omstandigheden die in de praktijk vaak voorkomen (koolstoflimitatie, lage groeisnelheid) blijkt het handhaven van de plasmide-gecodeerde afbraakweg een sterk groeinadeel voor zijn gastheer te kunnen veroorzaken. Deze studie maakt duidelijk dat de stabiliteit van het tolueen afbrekende vermogen afhankelijk is van diverse procesparameters. De resultaten zijn niet slechts van belang voor de afbraak van tolueen maar eveneens voor de afbraakmogelijkheden van de meeste gehalogeneerde en aromatische verbindingen aangezien die ook gecodeerd liggen op plasmiden en deze plasmiden onderling grote verwantschap vertonen.nl
dc.description.abstractAbstract not availableen
dc.description.sponsorshipDGM/A-
dc.format.extent49 p-
dc.language.isonl-
dc.relation.ispartofRIVM Rapport 738517006-
dc.relation.urlhttp://www.rivm.nl/bibliotheek/rapporten/738517006.html-
dc.subjectgenetische en fysiologische stabiliteitnl
dc.subjectbiodegradatienl
dc.subjecttoluene; plasmidenl
dc.titleBiodegradatie xenobiotica VI: Onderzoek naar de persistentie van het vermogen om tolueen af te breken in Pseudomonas putida mt-2. Interimrapport 1988/1989nl
dc.title.alternativeBiodegradation xenobiotics: Study on the persistence of the capability for the biodegradation of toluene in Pseudomonas putida mt-2. Second progress reporten
dc.typeOnderzoeksrapport-
dc.date.updated2012-12-12T14:07:21Z-
All Items in WARP are protected by copyright, with all rights reserved, unless otherwise indicated.