PREZIES: PREventie van ZIEkenhuisinfecties door Surveillance. Component Lage luchtweginfecties bij beademing, pilot 2003

2.50
Hdl Handle:
http://hdl.handle.net/10029/8808
Title:
PREZIES: PREventie van ZIEkenhuisinfecties door Surveillance. Component Lage luchtweginfecties bij beademing, pilot 2003
Authors:
Kooi TII van der; Hof S van den; Wille JC
Other Titles:
PREZIES: prevention of hospital-acquired infections through surveillance. Pilot module for Ventilator-associated lower respiratory tract infections, 2003
Abstract:
Surveillance of ventilator-associated pneumonia according to the protocol developed by PREZIES, the national network for the surveillance of nosocomial infections, is particularly suitable for large hospitals. This is the conclusion drawn from the three-month pilot on 'Ventilator-associated lower respiratory tract infections', in which three hospitals participated. This pilot was aimed at ascertaining whether criteria and definitions in the protocol were clear and whether data collection was feasible with respect to the needed time investment. Evaluation took the form of telephone interviews with the responsible infection control practitioner (ICP), a validation visit, data analysis, a meeting of participants to discuss results and, finally, submission of the altered protocol to experts for comments. ICPs experienced no problems in data collection, except for bronchitis. Since the criteria for bronchitis were not specific and bronchitis was considered clinically less interesting, the outcome for bronchitis has been excluded from the final protocol. Non-invasive ventilation and death can be registered optionally according to this protocol. Further adaptations were minor. The total intake of 35 patients was lower than expected. The incidence was 5 /1000 ventilation days for pneumonia as well as bronchitis. This is lower than the pneumonia incidence of 24 /1000 ventilation days which was determined in an earlier PREZIES surveillance, performed in 21 hospitals. To gain insight into the incidence of ventilator-associated pneumonia with a certain reliability, hospitals are advised to take up at least 100 patients in the surveillance. The final version of the module, 'Ventilator-associated pneumonias', can be concluded then as being particularly suitable for large hospitals.

De surveillance van beademing-gerelateerde pneumonieen volgens het protocol van het samenwerkingsverband PREventie van ZIEkenhuisinfecties door Preventie (PREZIES) is met name geschikt voor 'grotere' ziekenhuizen. Dit is de conclusie van de drie maanden durende pilotstudie voor de surveillance van 'Beademing-gerelateerde lage luchtweginfecties', waaraan drie ziekenhuizen meededen. Het doel van deze pilotstudie was te achterhalen in hoeverre de gehanteerde criteria en definities helder en bruikbaar waren en of de dataverzameling wat betreft tijdsinvestering haalbaar was. Het protocol is geevalueerd door respectievelijk telefonische interviews met de betrokken ziekenhuishygienisten, een validatiebezoek, data-analyse, een bijeenkomst met deelnemers waar de resultaten werden besproken en de beoordeling van het gewijzigde protocol door experts. De surveillance volgens het protocol verliep goed volgens de ziekenhuishygienisten. De criteria voor bronchitis werden echter niet specifiek gevonden en tevens vond men bronchitis klinisch minder van belang. Bronchitis is daarom niet als uitkomst in het definitieve protocol opgenomen. Non-invasieve beademing en sterfte kunnen volgens dit protocol optioneel geregistreerd worden. Verder werd het protocol op kleine punten aangepast. De instroom, 35 patienten in totaal, was lager dan verwacht. De incidentie bedroeg 5 /1000 beademingsdagen voor zowel pneumonie als bronchitis. Dit is lager dan de pneumonie-incidentie van 24 /1000 beademingsdagen die in een eerdere PREZIES-surveillance, uitgevoerd in 21 ziekenhuizen, gemeten werd. Om met enige betrouwbaarheid inzicht te kunnen krijgen in de incidentie van beademing-gerelateerde pneumonie is het advies dat er per ziekenhuis minstens 100 patienten in de surveillance worden opgenomen. Hiermee is de module 'Beademing-gerelateerde pneumonieen' met name geschikt voor 'grotere' ziekenhuizen.
Other Contributors:
CBO
Affiliation:
CIE
Publisher:
Rijksinstituut voor Volksgezondheid en Milieu RIVM
Issue Date:
27-Jan-2005
URI:
http://hdl.handle.net/10029/8808
Additional Links:
http://www.rivm.nl/bibliotheek/rapporten/210601006.html
Language:
nl
Series/Report no.:
RIVM Rapport 210601006
Appears in Collections:
RIVM reports - old archive

Full metadata record

DC FieldValue Language
dc.contributor.authorKooi TII van deren_US
dc.contributor.authorHof S van denen_US
dc.contributor.authorWille JCen_US
dc.contributor.otherCBOen_US
dc.date.accessioned2007-02-23T15:26:25Z-
dc.date.available2007-02-23T15:26:25Z-
dc.date.issued2005-01-27en_US
dc.identifier210601006en_US
dc.identifier.urihttp://hdl.handle.net/10029/8808-
dc.description.abstractSurveillance of ventilator-associated pneumonia according to the protocol developed by PREZIES, the national network for the surveillance of nosocomial infections, is particularly suitable for large hospitals. This is the conclusion drawn from the three-month pilot on 'Ventilator-associated lower respiratory tract infections', in which three hospitals participated. This pilot was aimed at ascertaining whether criteria and definitions in the protocol were clear and whether data collection was feasible with respect to the needed time investment. Evaluation took the form of telephone interviews with the responsible infection control practitioner (ICP), a validation visit, data analysis, a meeting of participants to discuss results and, finally, submission of the altered protocol to experts for comments. ICPs experienced no problems in data collection, except for bronchitis. Since the criteria for bronchitis were not specific and bronchitis was considered clinically less interesting, the outcome for bronchitis has been excluded from the final protocol. Non-invasive ventilation and death can be registered optionally according to this protocol. Further adaptations were minor. The total intake of 35 patients was lower than expected. The incidence was 5 /1000 ventilation days for pneumonia as well as bronchitis. This is lower than the pneumonia incidence of 24 /1000 ventilation days which was determined in an earlier PREZIES surveillance, performed in 21 hospitals. To gain insight into the incidence of ventilator-associated pneumonia with a certain reliability, hospitals are advised to take up at least 100 patients in the surveillance. The final version of the module, 'Ventilator-associated pneumonias', can be concluded then as being particularly suitable for large hospitals.en
dc.description.abstractDe surveillance van beademing-gerelateerde pneumonieen volgens het protocol van het samenwerkingsverband PREventie van ZIEkenhuisinfecties door Preventie (PREZIES) is met name geschikt voor 'grotere' ziekenhuizen. Dit is de conclusie van de drie maanden durende pilotstudie voor de surveillance van 'Beademing-gerelateerde lage luchtweginfecties', waaraan drie ziekenhuizen meededen. Het doel van deze pilotstudie was te achterhalen in hoeverre de gehanteerde criteria en definities helder en bruikbaar waren en of de dataverzameling wat betreft tijdsinvestering haalbaar was. Het protocol is geevalueerd door respectievelijk telefonische interviews met de betrokken ziekenhuishygienisten, een validatiebezoek, data-analyse, een bijeenkomst met deelnemers waar de resultaten werden besproken en de beoordeling van het gewijzigde protocol door experts. De surveillance volgens het protocol verliep goed volgens de ziekenhuishygienisten. De criteria voor bronchitis werden echter niet specifiek gevonden en tevens vond men bronchitis klinisch minder van belang. Bronchitis is daarom niet als uitkomst in het definitieve protocol opgenomen. Non-invasieve beademing en sterfte kunnen volgens dit protocol optioneel geregistreerd worden. Verder werd het protocol op kleine punten aangepast. De instroom, 35 patienten in totaal, was lager dan verwacht. De incidentie bedroeg 5 /1000 beademingsdagen voor zowel pneumonie als bronchitis. Dit is lager dan de pneumonie-incidentie van 24 /1000 beademingsdagen die in een eerdere PREZIES-surveillance, uitgevoerd in 21 ziekenhuizen, gemeten werd. Om met enige betrouwbaarheid inzicht te kunnen krijgen in de incidentie van beademing-gerelateerde pneumonie is het advies dat er per ziekenhuis minstens 100 patienten in de surveillance worden opgenomen. Hiermee is de module 'Beademing-gerelateerde pneumonieen' met name geschikt voor 'grotere' ziekenhuizen.nl
dc.format.extent499000 bytesen_US
dc.format.extent510396 bytes-
dc.format.mimetypeapplication/pdf-
dc.language.isonlen_US
dc.publisherRijksinstituut voor Volksgezondheid en Milieu RIVMen_US
dc.relation.ispartofseriesRIVM Rapport 210601006en_US
dc.relation.urlhttp://www.rivm.nl/bibliotheek/rapporten/210601006.htmlen_US
dc.subject.otherbeademingnl
dc.subject.otherpneumonienl
dc.subject.otherbeademing-gerelateerde pneumonienl
dc.subject.othervapnl
dc.subject.othernosocomiale infectiesnl
dc.subject.otherziekenhuisinfectiesnl
dc.subject.othersurveillancenl
dc.titlePREZIES: PREventie van ZIEkenhuisinfecties door Surveillance. Component Lage luchtweginfecties bij beademing, pilot 2003en_US
dc.title.alternativePREZIES: prevention of hospital-acquired infections through surveillance. Pilot module for Ventilator-associated lower respiratory tract infections, 2003en_US
dc.contributor.departmentCIEen_US
All Items in WARP are protected by copyright, with all rights reserved, unless otherwise indicated.