Locatiespecifieke ecologische risicobeoordeling. Praktijkonderzoek met de TRIADE-benadering: deel 3

2.50
Hdl Handle:
http://hdl.handle.net/10029/9069
Title:
Locatiespecifieke ecologische risicobeoordeling. Praktijkonderzoek met de TRIADE-benadering: deel 3
Authors:
Schouten AJ; Dirven van Breemen EM; Bogte JJ; Rutgers M; Baerselman R; Bloem J; Didden WAM; Dimmers W; Groot A de; Keidel H; Mulder Ch; Peijnenburg W; Siepel H; Wouterse M
Other Titles:
Site specific ecological risk assessment. Research with the TRIAD approach: part 3
Abstract:
The TRIAD approach was tested for its applicability in assessing actual ecological risks on five sites around the zinc factory near the city of Budel, in The Netherlands. The TRIAD method offers the possibility of a tiered approach to actual risks for the local ecosystem. Risk assessment is derived on the basis of three elements, i.e. chemistry, toxicology and ecology. It is meant as an improvement for the present remediation urgency systematics. Three of the five sites were contaminated with zinc and cadmium at different levels, that did not exceed the Dutch 'intervention values'. Besides total soil contents, mobile soil metal fractions and pore-water concentrations were measured during the chemical assessment. Several variants of the toxic pressure calculations were compared. In the toxicological assessment several bioassays were performed, which showed different sensitivities to heavy metals and influence of soil-pH and nutrients. There are still very few tests that can be used for acid sandy field soil. Many soil biological analyses (microbial and soil fauna groups) and a vegetation inventory were used for the ecological assessment. In this field study they showed a larger deviation from the reference site than the chemical and toxicological indicators. From the overall TRIAD assessment it can be concluded, among others, that selection of a non-contaminated reference site is both crucial as well as difficult. Polluted sites generally differ in more aspects from a local reference site than just in the concentration of contaminants. Although the TRIAD approach is relatively time consuming, uniformity and the scientific basis of the actual ecological assessment have improved considerably. Therefore the TRIAD approach is recommended for the future as a standard tool to assess actual ecological risks of contaminated soil.

Het doel van het onderzoek was de beproeving van de TRIADE methodiek voor de inschatting van locatiespecifieke ecologische risico's in een praktijksituatie. De TRIADE geeft de mogelijkheid om trapsgewijs effecten van verontreinigingen te bepalen voor de aspecten chemie, toxicologie en ecologie. Deze methodiek moet een verbetering opleveren ten opzichte van de ecologische risicoschatting in de huidige saneringsurgentie-systematiek. Het onderzoek werd uitgevoerd op vijf locaties rond de zinkfabriek te Budel. Twee van deze locaties lagen op grotere afstand en werden als (lokale) referentie gebruikt. Drie locaties in de nabijheid van de zinkfabiek hadden verhoogde gehaltes aan zink en cadmium. Interventiewaarden werden niet overschreden. Het chemische onderzoek richtte zich op totaal-gehaltes, extraheerbare fracties en poriewaterconcentraties van zware metalen. Op basis daarvan werd de toxische druk berekend. Het ecotoxicologisch onderzoek bestond uit bioassays met algen, springstaarten en radijsplanten. De gebruikte testorganismen vertoonden verschillende gevoeligheden voor zware metalen, mede als gevolg van bodemeigenschappen als zuurgraad en voedingsstoffenbeschikbaarheid. Het TRIADE-onderdeel "ecologie" werd ingevuld met indicatoren uit de Bodembiologische Indicator (BoBI) en met een vegetatie-inventarisatie. Verontreinigde locaties verschillen bijna altijd in meer eigenschappen van de referentie dan alleen de concentratie van de contaminanten. Het vaststellen van een simpele oorzaak-gevolg relatie voor ecologische effecten zal daarom meestal niet mogelijk zijn. Uit het TRIADE-onderzoek kan worden geconcludeerd, dat de keuze van de locale referentie aanzienlijke invloed heeft op het berekende ecologisch risico. De TRIADE-systematiek geeft de ecologische risicoschatting desondanks een aanzienlijk bredere basis dan de huidige urgentiesystematiek. De methodiek is gebaseerd op het 'multiple weight of evidence' principe en biedt een kwantitatieve maat voor ecologische risico's. Aangezien ook het bodembeschermingsbeleid zich ontwikkelt naar een meer locatiespecifieke benadering, wordt verder inpassing van de TRIADE-methodiek aanbevolen.
Editors:
Schouten AJ; Dirven-van Breemen EM; Bogte JJ; Rutgers M
Affiliation:
LER; Alterra; WUR/Bodemkwaliteit; Bedrijfslaboratorium voor Grond en Gewasonderzoek (Blgg)
Publisher:
Rijksinstituut voor Volksgezondheid en Milieu RIVM
Issue Date:
14-Apr-2004
URI:
http://hdl.handle.net/10029/9069
Additional Links:
http://www.rivm.nl/bibliotheek/rapporten/711701036.html
Language:
nl
Series/Report no.:
RIVM rapport 711701036
Appears in Collections:
RIVM reports - old archive

Full metadata record

DC FieldValue Language
dc.contributor.authorSchouten AJen_US
dc.contributor.authorDirven van Breemen EMen_US
dc.contributor.authorBogte JJen_US
dc.contributor.authorRutgers Men_US
dc.contributor.authorBaerselman Ren_US
dc.contributor.authorBloem Jen_US
dc.contributor.authorDidden WAMen_US
dc.contributor.authorDimmers Wen_US
dc.contributor.authorGroot A deen_US
dc.contributor.authorKeidel Hen_US
dc.contributor.authorMulder Chen_US
dc.contributor.authorPeijnenburg Wen_US
dc.contributor.authorSiepel Hen_US
dc.contributor.authorWouterse Men_US
dc.contributor.editorSchouten AJen_US
dc.contributor.editorDirven-van Breemen EMen_US
dc.contributor.editorBogte JJen_US
dc.contributor.editorRutgers Men_US
dc.date.accessioned2007-02-23T15:51:32Z-
dc.date.available2007-02-23T15:51:32Z-
dc.date.issued2004-04-14en_US
dc.identifier711701036en_US
dc.identifier.urihttp://hdl.handle.net/10029/9069-
dc.description.abstractThe TRIAD approach was tested for its applicability in assessing actual ecological risks on five sites around the zinc factory near the city of Budel, in The Netherlands. The TRIAD method offers the possibility of a tiered approach to actual risks for the local ecosystem. Risk assessment is derived on the basis of three elements, i.e. chemistry, toxicology and ecology. It is meant as an improvement for the present remediation urgency systematics. Three of the five sites were contaminated with zinc and cadmium at different levels, that did not exceed the Dutch 'intervention values'. Besides total soil contents, mobile soil metal fractions and pore-water concentrations were measured during the chemical assessment. Several variants of the toxic pressure calculations were compared. In the toxicological assessment several bioassays were performed, which showed different sensitivities to heavy metals and influence of soil-pH and nutrients. There are still very few tests that can be used for acid sandy field soil. Many soil biological analyses (microbial and soil fauna groups) and a vegetation inventory were used for the ecological assessment. In this field study they showed a larger deviation from the reference site than the chemical and toxicological indicators. From the overall TRIAD assessment it can be concluded, among others, that selection of a non-contaminated reference site is both crucial as well as difficult. Polluted sites generally differ in more aspects from a local reference site than just in the concentration of contaminants. Although the TRIAD approach is relatively time consuming, uniformity and the scientific basis of the actual ecological assessment have improved considerably. Therefore the TRIAD approach is recommended for the future as a standard tool to assess actual ecological risks of contaminated soil.en
dc.description.abstractHet doel van het onderzoek was de beproeving van de TRIADE methodiek voor de inschatting van locatiespecifieke ecologische risico's in een praktijksituatie. De TRIADE geeft de mogelijkheid om trapsgewijs effecten van verontreinigingen te bepalen voor de aspecten chemie, toxicologie en ecologie. Deze methodiek moet een verbetering opleveren ten opzichte van de ecologische risicoschatting in de huidige saneringsurgentie-systematiek. Het onderzoek werd uitgevoerd op vijf locaties rond de zinkfabriek te Budel. Twee van deze locaties lagen op grotere afstand en werden als (lokale) referentie gebruikt. Drie locaties in de nabijheid van de zinkfabiek hadden verhoogde gehaltes aan zink en cadmium. Interventiewaarden werden niet overschreden. Het chemische onderzoek richtte zich op totaal-gehaltes, extraheerbare fracties en poriewaterconcentraties van zware metalen. Op basis daarvan werd de toxische druk berekend. Het ecotoxicologisch onderzoek bestond uit bioassays met algen, springstaarten en radijsplanten. De gebruikte testorganismen vertoonden verschillende gevoeligheden voor zware metalen, mede als gevolg van bodemeigenschappen als zuurgraad en voedingsstoffenbeschikbaarheid. Het TRIADE-onderdeel "ecologie" werd ingevuld met indicatoren uit de Bodembiologische Indicator (BoBI) en met een vegetatie-inventarisatie. Verontreinigde locaties verschillen bijna altijd in meer eigenschappen van de referentie dan alleen de concentratie van de contaminanten. Het vaststellen van een simpele oorzaak-gevolg relatie voor ecologische effecten zal daarom meestal niet mogelijk zijn. Uit het TRIADE-onderzoek kan worden geconcludeerd, dat de keuze van de locale referentie aanzienlijke invloed heeft op het berekende ecologisch risico. De TRIADE-systematiek geeft de ecologische risicoschatting desondanks een aanzienlijk bredere basis dan de huidige urgentiesystematiek. De methodiek is gebaseerd op het 'multiple weight of evidence' principe en biedt een kwantitatieve maat voor ecologische risico's. Aangezien ook het bodembeschermingsbeleid zich ontwikkelt naar een meer locatiespecifieke benadering, wordt verder inpassing van de TRIADE-methodiek aanbevolen.nl
dc.format.extent4764000 bytesen_US
dc.format.extent4877438 bytes-
dc.format.mimetypeapplication/pdf-
dc.language.isonlen_US
dc.publisherRijksinstituut voor Volksgezondheid en Milieu RIVMen_US
dc.relation.ispartofseriesRIVM rapport 711701036en_US
dc.relation.urlhttp://www.rivm.nl/bibliotheek/rapporten/711701036.htmlen_US
dc.subject.othersoil pollutionen
dc.subject.otherrisksen
dc.subject.otherecologyen
dc.subject.otherlocationsen
dc.subject.othertoxicologyen
dc.subject.otherchemistryen
dc.subject.otherfield researchen
dc.subject.otherassessmenten
dc.subject.otherbodemverontreinigingnl
dc.subject.otherverontreinigingnl
dc.subject.otherrisico'snl
dc.subject.otherecologienl
dc.subject.otherlocatiesnl
dc.subject.othertoxicologienl
dc.subject.otherchemienl
dc.subject.otherveldonderzoeknl
dc.subject.othertoetsingnl
dc.subject.otherbodembiologische indicatornl
dc.subject.otherpictnl
dc.titleLocatiespecifieke ecologische risicobeoordeling. Praktijkonderzoek met de TRIADE-benadering: deel 3en_US
dc.title.alternativeSite specific ecological risk assessment. Research with the TRIAD approach: part 3en_US
dc.contributor.departmentLERen_US
dc.contributor.departmentAlterraen_US
dc.contributor.departmentWUR/Bodemkwaliteiten_US
dc.contributor.departmentBedrijfslaboratorium voor Grond en Gewasonderzoek (Blgg)en_US
All Items in WARP are protected by copyright, with all rights reserved, unless otherwise indicated.