Accumulatie van metalen in planten, een bijdrage aan de evaluatie van de interventiewaarden en locatiespecifieke risicobeoordeling van verontreinigde bodem

2.50
Hdl Handle:
http://hdl.handle.net/10029/9661
Title:
Accumulatie van metalen in planten, een bijdrage aan de evaluatie van de interventiewaarden en locatiespecifieke risicobeoordeling van verontreinigde bodem
Authors:
Versluijs CW; Otte PF
Other Titles:
Accumulation of metals in plants, a contribution to the evaluation of the intervention values and the location-specific risk assessment of contaminated soils
Abstract:
The intake of contaminants through the human consumption of crops grown on contaminated land is one of the exposure routes in the standard calculation of the Dutch intervention values for soil remediation. This appeared to be a major exposure route in the standard calculation of potentential human risks of soil contamination with metals. This literature study focused on evaluating the estimation of the bioconcentration of contaminating metals in the crops growing on contaminated land. For this estimation of potential risks the subject was narrowed down to estimating average values of the bioconcentration factors (BCF) of metals in consumed parts of crops grown in home gardens and for various soil types, including standard soil. Data collected from the literature (n=2260) were restricted to field data on existing contamination and excluded pot experiments, hydroculture and artificial contamination. BCF values were calculated for individual crops and an average consumption basket. For the calculation of intervention values, the BCF values had to be standardized to standard soil and soil concentrations near to the expected intervention values. To facilitate this standardization, a range of empirical relationships was calculated for variations in the BCF values of As, Cd, Cu, Hg, Ni, Pb and Zn with the parameters - soil concentration, soil acidity and percentages of organic carbon and silt in the soil. These relationships are also useful in a location specific actual risk analysis for a site with specific crops and known soiltype. The results of several calculation schemes were compared considering sometimes occurring uncertainties, like data not completely covering the required ranges of soil concentrations and soil type parameters. In this case extrapolations were avoided in favour of a 'worst case' riskestimation. In cases were the relationships were not significant we used geometric means.

De inschatting van de gemiddelde gehalten aan verontreinigende stoffen in gewassen geteeld op verontreinigde bodem is een onderdeel van de standaardberekening van de interventiewaarden. Bij metalen bepaalt de blootstelling via de consumptie van gewassen voor een belangrijk deel het humaantoxicologische risico van verontreinigde bodems. In dit rapport zijn de gemiddelde accumulatiefactoren vastgesteld voor gewassen geteeld in moestuinen op verontreinigde bodems. Hiertoe is een dataset opgebouwd van literatuurgegevens (n=2260). De data zijn beperkt tot velddata van bestaande verontreinigingssituaties, gewassen voor menselijke consumptie en de geconsumeerde delen van deze gewassen. Potproeven en kunstmatige verontreiniging zijn hierbij uitgesloten. De bioconcentratiefactoren (BCF-waarden) zijn berekend voor afzonderlijke gewassen en voor een gemiddeld consumptiepakket. De velddata zijn bepaald bij verschillende bodemeigenschappen en om vergelijkbaar te zijn moeten ze bewerkt worden. Om de correcties naar de standaardbodem te kunnen maken, die gebruikelijk zijn bij de berekening van interventiewaarden, zijn per gewas relaties afgeleid voor de variaties van de BCF-waarden van As, Cd, Cu, Hg, Ni, Pb en Zn met het totaalgehalte in de bodem, zuurgraad en gehalten aan organisch koolstof en lutum. Deze kunnen ook gebruikt worden bij een locatiespecifieke benadering. Bij de berekening resteren nog een aantal onzekerheden: het gewenste traject van totaalgehalten en bodemparameters werd niet altijd afgedekt door de data. In dit geval is niet geextrapoleerd maar is een 'worst case' inschatting gedaan. Ook konden op het bekende traject van data soms geen significante relaties afgeleid worden. In dat geval is uitgegaan van geometrisch gemiddelden. De resultaten van verschillende rekenwijzen zijn vergeleken.
Affiliation:
LBG
Publisher:
Rijksinstituut voor Volksgezondheid en Milieu RIVM
Issue Date:
25-Feb-2002
URI:
http://hdl.handle.net/10029/9661
Additional Links:
http://www.rivm.nl/bibliotheek/rapporten/711701024.html
Language:
nl
Series/Report no.:
RIVM Rapport 711701024
Appears in Collections:
RIVM reports - old archive

Full metadata record

DC FieldValue Language
dc.contributor.authorVersluijs CWen_US
dc.contributor.authorOtte PFen_US
dc.date.accessioned2007-02-27T12:57:42Z-
dc.date.available2007-02-27T12:57:42Z-
dc.date.issued2002-02-25en_US
dc.identifier711701024en_US
dc.identifier.urihttp://hdl.handle.net/10029/9661-
dc.description.abstractThe intake of contaminants through the human consumption of crops grown on contaminated land is one of the exposure routes in the standard calculation of the Dutch intervention values for soil remediation. This appeared to be a major exposure route in the standard calculation of potentential human risks of soil contamination with metals. This literature study focused on evaluating the estimation of the bioconcentration of contaminating metals in the crops growing on contaminated land. For this estimation of potential risks the subject was narrowed down to estimating average values of the bioconcentration factors (BCF) of metals in consumed parts of crops grown in home gardens and for various soil types, including standard soil. Data collected from the literature (n=2260) were restricted to field data on existing contamination and excluded pot experiments, hydroculture and artificial contamination. BCF values were calculated for individual crops and an average consumption basket. For the calculation of intervention values, the BCF values had to be standardized to standard soil and soil concentrations near to the expected intervention values. To facilitate this standardization, a range of empirical relationships was calculated for variations in the BCF values of As, Cd, Cu, Hg, Ni, Pb and Zn with the parameters - soil concentration, soil acidity and percentages of organic carbon and silt in the soil. These relationships are also useful in a location specific actual risk analysis for a site with specific crops and known soiltype. The results of several calculation schemes were compared considering sometimes occurring uncertainties, like data not completely covering the required ranges of soil concentrations and soil type parameters. In this case extrapolations were avoided in favour of a 'worst case' riskestimation. In cases were the relationships were not significant we used geometric means.en
dc.description.abstractDe inschatting van de gemiddelde gehalten aan verontreinigende stoffen in gewassen geteeld op verontreinigde bodem is een onderdeel van de standaardberekening van de interventiewaarden. Bij metalen bepaalt de blootstelling via de consumptie van gewassen voor een belangrijk deel het humaantoxicologische risico van verontreinigde bodems. In dit rapport zijn de gemiddelde accumulatiefactoren vastgesteld voor gewassen geteeld in moestuinen op verontreinigde bodems. Hiertoe is een dataset opgebouwd van literatuurgegevens (n=2260). De data zijn beperkt tot velddata van bestaande verontreinigingssituaties, gewassen voor menselijke consumptie en de geconsumeerde delen van deze gewassen. Potproeven en kunstmatige verontreiniging zijn hierbij uitgesloten. De bioconcentratiefactoren (BCF-waarden) zijn berekend voor afzonderlijke gewassen en voor een gemiddeld consumptiepakket. De velddata zijn bepaald bij verschillende bodemeigenschappen en om vergelijkbaar te zijn moeten ze bewerkt worden. Om de correcties naar de standaardbodem te kunnen maken, die gebruikelijk zijn bij de berekening van interventiewaarden, zijn per gewas relaties afgeleid voor de variaties van de BCF-waarden van As, Cd, Cu, Hg, Ni, Pb en Zn met het totaalgehalte in de bodem, zuurgraad en gehalten aan organisch koolstof en lutum. Deze kunnen ook gebruikt worden bij een locatiespecifieke benadering. Bij de berekening resteren nog een aantal onzekerheden: het gewenste traject van totaalgehalten en bodemparameters werd niet altijd afgedekt door de data. In dit geval is niet geextrapoleerd maar is een 'worst case' inschatting gedaan. Ook konden op het bekende traject van data soms geen significante relaties afgeleid worden. In dat geval is uitgegaan van geometrisch gemiddelden. De resultaten van verschillende rekenwijzen zijn vergeleken.nl
dc.format.extent1083000 bytesen_US
dc.format.extent1108027 bytes-
dc.format.mimetypeapplication/pdf-
dc.language.isonlen_US
dc.publisherRijksinstituut voor Volksgezondheid en Milieu RIVMen_US
dc.relation.ispartofseriesRIVM Rapport 711701024en_US
dc.relation.urlhttp://www.rivm.nl/bibliotheek/rapporten/711701024.htmlen_US
dc.subject.othermetalsen
dc.subject.otherplantsen
dc.subject.otherfooden
dc.subject.otheraccumulationen
dc.subject.othersoil typesen
dc.subject.otherpolluted soilen
dc.subject.othermetalennl
dc.subject.otherplantennl
dc.subject.othervoedingsmiddelennl
dc.subject.otheraccumulatienl
dc.subject.othergrondsoortnl
dc.subject.otherverontreinigde grondnl
dc.subject.otherbcfnl
dc.subject.othermoestuingewassennl
dc.subject.otherinterventiewaardenl
dc.titleAccumulatie van metalen in planten, een bijdrage aan de evaluatie van de interventiewaarden en locatiespecifieke risicobeoordeling van verontreinigde bodemen_US
dc.title.alternativeAccumulation of metals in plants, a contribution to the evaluation of the intervention values and the location-specific risk assessment of contaminated soilsen_US
dc.contributor.departmentLBGen_US
All Items in WARP are protected by copyright, with all rights reserved, unless otherwise indicated.