RIVM Publications Repository

On this website you will find articles and reports that are written by the Dutch National Institute for Public Health and the Environment (RIVM).

We are constantly working to improve the Repository. Please contact our administrator if you have any further questions or remarks.

Select a community to browse its collections.

RIVM official reports
Articles and other publications by RIVM employees
Datafeed Community
  • Dissolved black carbon mediated photo-transformation of tetrachlorantraniliprole: Kinetics, pathways, and adverse effects of the photoproduct

    Li, Yaling; Luo, Tianlie; Yang, Minhui; Liu, Guo; Chen, Xian; Li, Yihua; Zhou, Chengzhi; Peijnenburg, Willie JGM Peijnenburg (2024-08-21)
  • Monitor Kansrijke Start 2023

    van Meijeren-van Lunteren, AW; Molenaar, JM; Boesveld, IC; Hoffman, BJ; Brouwer-Prusak, AJ; Hendrikx, RJP; Klein, PPF; Struijs, JN (Rijksinstituut voor Volksgezondheid en Milieu RIVM, 2024-04-17)
    De meeste kinderen in Nederland worden gezond geboren en groeien gezond op in een veilige en beschermde omgeving. Maar niet alle kinderen. Het ministerie van VWS is in september 2018 het actieprogramma 'Kansrijke Start' begonnen om meer kinderen een goede start te geven. Gemeenten en zorgverleners kunnen hiermee initiatieven opzetten om ouders vóór, tijdens, en na de zwangerschap te ondersteunen. Het RIVM volgt sinds 2019 in hoeverre gemeenten zulke initiatieven hebben opgezet en hoe de gezondheid van jonge kinderen zich ontwikkelt. De monitor Kansrijke Start van 2023 laat zien dat steeds meer gemeenten aandacht besteden aan een goede start van een kind. In 2023 had 62 procent van de gemeenten een 'lokale coalitie', ongeveer 15 procent meer dan in 2022. In lokale coalities werken professionals uit alle betrokken 'domeinen' samen, zoals uit de geboortezorg, jeugdgezondheidszorg en gemeenten. Deze partijen werken steeds beter samen, waardoor ze snel naar elkaar kunnen doorverwijzen. Dit is belangrijk om problemen vroeg te signaleren en (aanstaande) ouders te kunnen ondersteunen. Ook heeft meer dan de helft van de gemeenten een plan van aanpak Kansrijke Start gemaakt. Verder bieden ze steeds meer initiatieven aan, zoals Nu Niet Zwanger, VoorZorg en CenteringZwangerschap. Dit keer was er in de monitor extra aandacht voor (aanstaande) ouders en kinderen die onder moeilijke omstandigheden leven, zoals armoede. Het vermoeden dat deze kinderen een minder goede start hebben dan kinderen die niet in armoede opgroeien, is nu met cijfers onderbouwd. Gezinnen in een kwetsbare situatie maken bijvoorbeeld minder vaak gebruik van kraamzorg. Ook worden kinderen in kwetsbare situaties vaker te vroeg geboren of hebben ze een laag geboortegewicht. Het is nog niet duidelijk of de gezondheid van kinderen door Kansrijke Start verbetert. Gezondheid hangt van veel zaken af en het kost tijd voordat maatregelen effect hebben.
  • Methods for calculating the emissions of transport in the Netherlands

    Geilenkirchen, G; Bolech, M; Hulskotte, J; Dellaert, S; Ligterink, N; van Eijk, E; Geertjes, K; Kosterman, M; 't Hoen, M (Rijksinstituut voor Volksgezondheid en Milieu RIVM, 2024-04-15)
    Nederland rapporteert elk jaar nationaal en internationaal hoeveel stoffen de sector transport uitstoot naar de lucht. Het gaat om alle stoffen die in de Emissieregistratie voorkomen en voor deze sectoren moeten worden gerapporteerd. Denk aan broeikasgassen en stoffen die grootschalige luchtverontreiniging veroorzaken. Het RIVM actualiseert en beschrijft elk jaar de methoden waarmee de uitstoot wordt berekend. De methoden worden elk jaar bijgesteld volgens de meest actuele wetenschappelijke inzichten. De emissieberekeningen worden uitgevoerd op basis van internationale richtlijnen. De emissiegegevens zijn te vinden op www.emissieregistratie.nl. De gegevens worden gebruikt voor de rapportages die vanwege internationale verdragen verplicht zijn. Zoals het verdrag van Parijs, de EU-Emissieplafonds (NEC-Directive) en de Convention on Long-range Transboundary Air Pollution (CLRTAP). De rapportage is ook de basis voor de (internationale) reviewers die de Nederlandse rapportages aan de Europese Unie en Verenigde Naties goedkeuren.
  • Advieswaarden PFAS in zwemwater

    Geraets, L; Bokkers, BGH (Rijksinstituut voor Volksgezondheid en Milieu RIVM, 2024-04-15)
    Het RIVM heeft nieuwe advieswaarden voor per- en polyfluoralkylstoffen (PFAS(Per- en polyfluoralkylstoffen)) in zwemwater bepaald. Deze waarden zijn bepaald op basis van de effecten van deze stoffen op de gezondheid (gezondheidskundige advieswaarden). De nieuwe advieswaarden zijn berekend voor PFAS in water van zwembaden en in oppervlaktewater van bijvoorbeeld recreatieplassen. Overheden die verantwoordelijk zijn voor de kwaliteit van zwemwater, kunnen deze advieswaarden gebruiken om de kwaliteit ervan te beoordelen. Voor zwembaden stelt het RIVM een gezondheidskundige advieswaarde voor PFAS voor van 71 nanogram PEQ per liter (PEQ staat voor PFOA(perfluoroctaanzuur)-equivalenten; de som van meerdere soorten PFAS, uitgedrukt in PFOA-eenheden). Per liter oppervlaktewater is dat 280 nanogram PEQ. Deze advieswaarde is anders omdat mensen minder vaak in oppervlaktewater zwemmen dan in zwembaden. Aanleiding voor de update is de nieuwe gezondheidskundige grenswaarde voor deze stoffen die de Europese Autoriteit voor Voedselveiligheid EFSA(Europese Voedselveiligheidsautoriteit) in 2020 heeft bepaald. Deze nieuwe grenswaarde is lager, en dus strenger. Dit betekent dat de stoffen al bij een lagere blootstelling schadelijk kunnen zijn voor de gezondheid. Het RIVM heeft daarna een methode ontwikkeld om de gezondheidskundige grenswaarde van EFSA te vertalen naar een bredere groep PFAS. PFAS komen namelijk bijna nooit als enkele stof voor, maar meestal in mengsels met verschillende soorten PFAS. Deze methode is nu gebruikt voor zwemwater. PFAS zijn chemische stoffen die door mensen gemaakt zijn en van nature niet voorkomen in het milieu. Als ze eenmaal in het milieu zitten, blijven ze daar vanwege hun eigenschappen (forever chemicals). Een van de mogelijkheden om aan deze stoffen bloot te staan, is door te zwemmen in vervuild zwemwater. Het RIVM heeft de advieswaarden bepaald in opdracht van het ministerie van Infrastructuur en Waterstaat (IenW(Infrastructuur en Waterstaat)).
  • Methodology for the calculation of emissions from agriculture

    van der Zee, TC; Bleeker, A; van Bruggen, C; Bussink, W; van Dooren, HJC; Groenestein, CM; Huijsmans, JFM; Kros, H; Lagerwerf, LA; Oltmer, K; et al. (Rijksinstituut voor Volksgezondheid en Milieu RIVM, 2024-04-15)
    Nederland rapporteert elk jaar nationaal en internationaal hoeveel stoffen de landbouw uitstoot naar de lucht. Het gaat om alle stoffen die in de Emissieregistratie voorkomen en voor deze sector moeten worden gerapporteerd. Denk aan broeikasgassen en stoffen die luchtverontreiniging veroorzaken, zoals ammoniak en fijnstof. De emissieberekeningen worden uitgevoerd op basis van internationale richtlijnen. De uitstoot wordt berekend met het National Emission Model for Agriculture (NEMA), dat in Nederland is ontwikkeld. Het NEMA berekent de uitstoot van stoffen voor bijvoorbeeld stallen, mestopslag, en het gebruik van mest. Het NEMA wordt ook gebruikt om emissies zoals methaan uit verschillende dieren en mest te berekenen. Dit model wordt elk jaar aangepast aan de nieuwste wetenschappelijke inzichten. De methoden die voor verschillende stoffen worden gebruikt zijn beschreven, plus de wijzigingen die in het model zijn doorgevoerd. De gegevens over de uitstoot zijn openbaar via de website emissieregistratie.nl. Ze worden gebruikt voor rapportages die vanwege internationale verdragen verplicht zijn, zoals het verdrag van Parijs, de Europese Emissieplafonds (NEC-Directive) en de Convention on Long-range Transboundary Air Pollution (CLRTAP). Dit rapport is ook de basis voor de reviewers die de Nederlandse rapportages aan de Europese Unie en Verenigde Naties valideren.

View more