• Evaluatie pilot Endogene Factoren

      Viet AL; Fiolet D; Voortman JK; Rover C de; Hanning C; Uitenbroek D; Loon AJM van; PZO; GGD Achterhoek; GGD Midden Holland; et al. (2004-03-02)
      In het kader van het project Lokale en Nationale Monitor Volksgezondheid (Monitor VGZ) is een aantal pilots opgezet voor het meten van endogene factoren. Doel van de pilot is het bestuderen van de haalbaarheid van een te in combinatie met een lichamelijk onderzoek op de GGD en nagaan of de waarden van totaal- en HDL cholesterol en glucose volgens een vingerprik methode overeenkomen met de uitslagen afkomstig van analysetechnieken in een gecertificeerd laboratorium. Haalbaarheid: De respons voor het lichamelijk onderzoek varieerde van 27% tot 43%. De samenwerking tussen RIVM en GGD / GG&GD was goed. Er werd meestal goed ingespeeld op problemen die tijdens het veldwerk ontstonden. Helaas weigerde de apparatuur enkele malen. De voorbereiding en de uitvoering kosten veel tijd voor de co6rdinatoren van de GGD'en. Deelnemers waren positief over het onderzoek. Vergelijkbaarheid: De correlatie voor totaal- en HDL-cholesterol tussen de vingerprik methode en de veneuze bloedafname is circa 0,86. De correlatie voor glucose is lager (0,62). Het gemiddelde totaal- en HDL-cholesterolgehalte en glucose is in het bloed afkomstig van de vingerprik significant hoger dan de waarden in veneus bloed. De prevalentie van hypercholesterolemie blijkt 2 keer zo hoog te zijn volgens de vingerprik waarden in vergelijking met de veneuze bloedwaarden. Conclusie: De uitvoering van een schriftelijke / mondelinge te in combinatie met een lichamelijk onderzoek op de GGD of op een wijkpost is haalbaar. De nieuwe meetmethode om met behulp van een vingerprik het totaal- en HDL-cholesterol en glucose te bepalen is niet vergelijkbaar met de waarden die bepaald worden in veneus bloed door een gecertificeerd laboratorium.
    • Evaluatie pilot Endogene Factoren

      Viet AL; Fiolet D; Voortman JK; Rover C de; Hanning C; Uitenbroek D; Loon AJM van; PZO; GGD Achterhoek; GGD Midden Holland; et al. (Rijksinstituut voor Volksgezondheid en Milieu RIVM, 2004-03-02)
      As a part of the project on the Local and National Monitor for Public Health several pilot studies were carried out in three Municipal Health Centres (GGDs). The first aim was to investigate the feasibility of a physical examination at the health centre in combination with a health interview (or postal survey). The second aim was to compare several endogenous factors (total- and HDL cholesterol, and glucose) measured at the health centre by means of a finger prick (capillary blood) and in a certified lab using whole venous blood. Feasibility The response to the postal survey varied between 27% and 43%. The cooperation between the health centres and the RIVM was very good. Unfortunately the devices used for blood measurements and the home trainer, used for the physical test, broke down a few times. Preparations for carrying out the pilot took a lot of time of the people at the health centre. The participants, who received the results of the physical tests along with a gift voucher, were enthusiastic about the pilot. Comparability Correlation between measurements from capillary blood and venous blood were found to be 0.86 for total- and HDL cholesterol and 0.62 for glucose. The measurements of total- and HDL cholesterol were significantly higher in capillary blood than in venous blood. The prevalence of hypercholesterolemia was twice as high in capillary blood compared with venous blood.ConclusionCombining an interview / postal survey with a physical examination is feasible. Measurements made in capillary blood are not comparable with those in a certified lab.
    • Risicofactoren En GezondheidsEvaluatie Nederlandse Bevolking, een Onderzoek Op GGD'en; vier jaar Regenboogproject, resultaten op GGD niveau

      Viet AL; Kroesbergen HT; Verhoeff AP; Seidell JC; Otten F; Veldhuizen H van; Centraal Bureau voor de Statistiek CBS; GGD Nederland; CZE; CIE; et al. (Rijksinstituut voor Volksgezondheid en Milieu RIVM, 2004-05-04)
      Risk Factors and Health in the Netherlands, a survey on Municipal Health Services. The main aim of the project was to monitor risk factors or determinants of chronic and infectious disease in the general population. Also studied were the differences with respect to many background- and health- related variables between participants interviewed at home and those taking the physical examination. Random sampling by the CBS led to home interviews by trained interviewers of individuals from the age of 0 who were willing to cooperate in the survey. The interview consisted of items related to aspects of health status and use of medicines/medical devices. Questions on lifestyle factors (smoking, drinking and vaccination) were included. At the end of the interview, participants were asked for permission to be approached for an additional health examination. Participants older than 12 years were asked to visit the nearest community or municipal health service (GGD). The project started in 1998 and finished in December 2001. In 2001 38 of the 40 Municipal Health Centres participated in the study. In the periode 1998-2001 there were 19544 participants interviewed and 28% of this participants underwent an physical examination at the health centre. the interview and from the physical health examination. Aspects like medical consumption, endogenous factors, smoking, alcohol use, chronic diseases and physical limitations. The results are presented per Municipal Health Centre region. The prevalence of smoking and alcohol use was higher in men than women. Prevalence of obesity in men was the lowest in the Southern part of the Netherlands. High bloodpressure in women was high in the Northern en Eastern part of the Netherlands. Women are seeing a general practitioner and dentist more often then men.
    • Risicofactoren En GezondheidsEvaluatie Nederlandse Bevolking, een Onderzoek Op GGD'en; vier jaar Regenboogproject, resultaten op GGD niveau

      Viet AL; Kroesbergen HT; Verhoeff AP; Seidell JC; Otten F; Veldhuizen H van; CZE; CIE; LIS; CBS; et al. (Centraal Bureau voor de Statistiek CBSGGD Nederland, 2004-05-04)
      Het Regenboog-project was een samenwerkingsverband tussen het RIVM, CBS, GGD Nederland en alle GGD'en. Het doel van het Regenboogproject was een beeld te krijgen van de gezondheidssituatie van de Nederlandse bevolking op het gebied van chronische en infectieziekten. Een aselecte steekproef werd getrokken door het CBS van zowel mannen als vrouwen. Bij deze personen werd thuis de gezondheidsenquete afgenomen. Vervolgens werd gevraagd om deel te nemen aan een aanvullend lichamelijk onderzoek op de GGD. In de periode 1998-2001 zijn 19544 mensen geinterviewd en 5441 deelnemers (28%) op de GGD onderzocht. Het rapport presenteert de resultaten van een aantal gezondheidsaspecten afkomstig van het interview en het lichamelijk onderzoek per GGD regio. Het gaat om aspecten zoals ervaren gezondheid, medische consumptie, endogene factoren, roken, alcohol gebruik, chronische aandoeningen en lichamelijke beperkingen en klachten. Mannen ervaren hun gezondheid beter dan vrouwen. Het percentage mannen dat rookt en alcohol gebruikt is hoger dan bij vrouwen. Ernstig overgewicht (QI > 30 kg/m2) komt bij mannen in Brabant het minst voor. Hoge bloeddruk komt meer voor bij mannen in het Westen. Bij vrouwen komt een hoge bloeddruk vaker voor in de regio Noord en Oost. Tot slot gaan vrouwen vaker naar een huisarts of specialist dan mannen.