• Milieudruk en Milieukwaliteit in de ROM-gebieden; quickscan ten behoeve van een evaluatie van het ROM-beleid

      Ransijn M; Velde RJ van de; Duijvenbooden W van; LBG; VU; Geodan (1998-01-31)
      In dit rapport worden de resultaten gepresenteerd van een beknopt onderzoek naar de effecten van het ROM-gebiedenbeleid op de milieukwaliteit. Uitgangspunt bij deze studie was het gegevens- en modelleninstrumentarium van het RIVM, aangevuld met informatie van de provincies. Voor de thema's verzuring, vermesting, verstoring en ruimtegebruik zijn een aantal indicatoren vastgesteld, die informatie geven over de toestand van het milieu en waar mogelijk de ontwikkeling van de milieukwaliteit sinds het begin van het ROM-gebiedenbeleid in beeld brengen. Dit laatste bleek in de praktijk door het gebrek aan gegevens binnen de gegeven tijd slechts zeer beperkt mogelijk. Een aantal indicatoren (verzuring en verstoring) geven een daling van de milieubelasting weer; vrijwel alle indicatoren (verzuring, vermesting, ruimtegebruik en verstoring) tonen aan de andere kant aan dat de milieubelasting op veel vlakken en in veel gebieden hoog is gebleven. Met name uit de informatie van de provincies blijkt dat met lokale initiatieven en een sterk gebiedsgerichte aanpak opvallende resultaten zijn te boeken. Ondanks een aantal positieve constateringen is het echter nog niet mogelijk om de relatie tussen het ROM-gebieden beleid en de ontwikkeling van de milieukwaliteit aan te tonen.
    • De Ruimteclaims en ruimtelijke ontwikkelingen in de zoekgebieden voor de toekomstige nationale luchtvaartinfrastructuur (TNLI). Quick scan met Ruimtescanner

      Velde RJ van de; Schotten CGJ; Waals JFM van der; Boersma WT; Oude Munnik JM; Ransijn M; LBG; VU; Geodan; UU (1997-12-31)
      De keuze van een vestigingsplaats voor een nieuwe nationale luchthaven vraagt om een analyse van de effecten van deze aanleg op het ruimtegebruik in de regio. Dit rapport beschrijft hoe het geografisch informatiesysteem De Ruimtescanner dit simuleert op basis van databestanden van het huidige gebruik en aannames over veranderingen van ruimteclaims en attractiviteit onder invloed van de luchthaven. De Ruimtescanner berekent de ruimte die toekomstige woon- en werkgebieden opeisen op basis van onder meer de schatting van de toename van het aantal (in)directe arbeidsplaatsen, de ruimte die deze arbeidsplaatsen vragen en beoordeling van de aantrekkelijkheid van de regio voor wonen en werken die onder andere door de geluidsbelasting verandert. Uitgaande van deze aannames simuleert Ruimtescanner het ruimtegebruik in de diverse regio's na aanleg van de luchthaven en -ter vergelijking- volgens het European Coordination scenario. Deze kaarten geven een eerste indruk van het effect van de aanleg en laten zien waar dit conflicteert met het huidige beleid en de criteria aangebracht door de begeleidingscommissie.
    • De Ruimtescanner, geintegreerd ruimtelijk informatiesysteem voor de simulatie van toekomstig ruimtegebruik

      Schotten CGJ; Velde RJ van de; Scholten HJ; Boersma WT; Hilferink M; Ransijn M; Zut R; LBG; VU; Geodan (1997-08-31)
      Scenario's voor toekomstig ruimtegebruik hanteren vaak verschillende uitgangspunten en basisgegevens en belichten meestal slechts een facet van het toekomstig ruimtegebruik. Op initiatief van het RIVM is daarom een projectgroep ingesteld om een ruimtelijk informatiesysteem te ontwikkelen - de Ruimtescanner - dat verschillende geografische rekenbestanden en rekenmodellen integreert. Uitgaande van het huidige ruimtegebruik, de verwachte ruimteclaims en aantrekkelijkheid (of attractiviteit) van gebieden, simuleert de Ruimtescanner ruimtelijke beelden. De fijnmazige kaarten geven per cel van 500 bij 500 meter het verwachte ruimtegebruik weer en maken het effect van verschillende scenario's zichtbaar. In dit rapport beschrijven we de Ruimtescanner 1.0. Dit prototype brengt basisbestanden en prognoseresultaten bij elkaar van modellen die demografische en ruimtelijk-economische ontwikkelingen voorspellen via een allocatie-module.
    • De Ruimtescanner, geintegreerd ruimtelijk informatiesysteem voor de simulatie van toekomstig ruimtegebruik

      Schotten CGJ; Velde RJ van de; Scholten HJ; Boersma WT; Hilferink M; Ransijn M; Zut R; LBG; VU; Geodan (Rijksinstituut voor Volksgezondheid en Milieu RIVM, 1997-08-31)
      Socio-cultural patterns and socio-economic circumstances of Dutch society are changing quickly. While these developments exert a great impact on future land use, scenarios allowing the effect of different spatial strategies on the environment, natural areas or landscape to be quantified are often limited. To cope with this limitation a project group was set up at the initiative of the RIVM to develop a spatial information system. the result was an integrated, spatial information system, the Spacescanner, which integrates geographical data and mathematical models to predict the effect of demographic and economic developments. Spacescanner 1.0 is a prototype simulating future landuse. The resulting maps have a spatial accuracy of 500 x 500 m. The Spacescanner integrates present and expected land-use data from the above models via the so-called allocation module for use in predicting the attraction of a location for a certain kind of land use.
    • Simulatie van de ruimtelijke perspectieven 2030

      Schotten CGJ; Boersma WT; Groen J; Velde RJ van de; LBG; VU; Geodan (1997-04-30)
      Dit rapport beschrijft een onderzoek om met de Ruimtescanner de vier ruimtelijke perspectieven uit het project Nederland 2030 van de Rijks Planologische Dienst (RPD) in beeld te brengen. Uitgaande van het huidige ruimtegebruik, de verwachte ruimteclaims voor wonen en werken tot 2030 en de aantrekkelijkheid (of attractiviteit) van gebieden voor wonen en werken, zijn met de Ruimtescanner ruimtelijke beelden gesimuleerd. Vier fijnmazige kaarten voor de vier toekomstperspectieven (Stedenland, Nederland Landschapspark, Nederland Stromenland en Neerlands Palet) zijn hiervan het resultaat. Zij geven per cel van 500 m2 het verwachte ruimtegebruik in 2030 weer. Met behulp van deze gesimuleerde ruimtelijke beelden is het effect van de verschillende ruimtelijke planningstrategieen op de mobiliteit bepaald.
    • Toepassingsmogelijkheden van groot-volume-injectie gaschromatografie met infraroodspectrometrische detectie

      Visser T; Vredenbregt MJ; Hankemeier Th; Hooischuur E; Laan R van der; LOC; VU; vakgroep Analytische Chemie; Amsterdam (1997-07-31)
      Onderzoek is uitgevoerd naar verbetering van de relatieve detectiegrenzen van gaschromatografie met infraroodspectrometrische detectie (GC-IR) door toepassing van zogenaamde large-volume injectie (LVI) technieken. Twee technieken zijn onderzocht, loop-type interfacing en on-column interfacing. Optimalisatie is uitgevoerd met n-alkanen in verschillende oplosmiddelen. Pesticiden, polyaromatische koolwaterstoffen en andere contaminanten zijn gebruikt voor het testen van de bruikbaarheid van het ontwikkelde systeem in de milieu-analyse. Bij 100 ul injecties blijkt de relatieve detecteerbaarheid van de niet vluchtige analieten in vergelijking met 1 ul split/splitless injecties, voor beide typen interfacing vrijwel evenredig toe te nemen met het geinjecteerde volume. Bij injectie van grotere volumes (200-400 ul) wordt de winst in relatieve gevoeligheid gedeeltelijk teniet gedaan door verontreinigingen in het oplosmiddel. De prestaties van de on-column interfacing zijn relatief beter door het geringere verlies aan vluchtige componenten en de inbouw van een detector-schakelsysteem. De praktische mogelijkheden van LVI-GC-IR worden gedemonstreerd aan de hand van de analyse van enkele monsters drink- en oppervlaktewater waaraan veel voorkomende contaminanten zijn toegevoegd op een niveau van 0.1-1 ug/l. De toegevoegde componenten zijn gedetecteerd en geidentificeerd (i) via injectie van extracten verkregen via vloeistof-vloeistof extractie en (ii) door on-line desorptie van elders bemonsterde solid phase extracted (SPE) cartridges. De mogelijkheid van (LVI-)GC-IR om door middel van functionele groepschromatogrammen te screenen op de aanwezigheid van specifieke stofklassen is een waardevolle aanvulling op gaschromatografie met massaspectrometrische en atoomemissie detectie.
    • Werkconferentie Klimaatverandering: De tweede IPCC-rapportage, indrukken en reacties uit de Nederlandse samenleving

      Hisschemoller M; Akkerman AE; Vellinga P; Klabbers JHG; Baede APM; Fransen W; Komen GJ; Ulden AP van; Berk MM; Leemans R; et al. (Vrije UniversiteitAmsterdam, 1996-12-31)
      Abstract niet beschikbaar