• Nethmap 2015: Consumption of antimicrobial agents and antimicrobial resistance among medically important bacteria in the Netherlands / MARAN 2015: Monitoring of antimicrobial resistance and antibiotic usage in animals in the Netherlands in 2014

      de Greeff SC; Mouton JW; ZIA; I&V (Rijksinstituut voor Volksgezondheid en Milieu RIVMStichting Werkgroep Antibiotica Beleid SWAB, 2015-06-22)
      Het NethMap/MARAN-rapport is samengesteld door Stichting Werkgroep Antibioticabeleid (SWAB), Centrum Infectieziektebestrijding van het RIVM, Central Veterinary Institute (CVI), onderdeel van Wageningen UR, de Nederlandse Voedsel en Waren Autoriteit (NVWA) en de Stichting Diergeneesmiddelenautoriteit (SDa). NethMap verschijnt dit jaar voor de dertiende keer. Het is de vierde keer dat deze humane gegevens uit de NethMap gezamenlijk worden gepresenteerd met de veterinaire gegevens uit MARAN. MARAN monitort gebruik van en resistentie tegen antibiotica in de dierensector al sinds 1998. part 1: Nethmap 2015 pag 1-116 part 2: MARAN 2015 pag 1-72
    • NethMap 2016: Consumption of antimicrobial agents and antimicrobial resistance among medically important bacteria in the Netherlands in 2015 / MARAN 2016: Monitoring of antimicrobial resistance and antibiotic usage in animals in the Netherlands in 2015

      de Greeff SC; Mouton JW; Schoffelen AF; ZIA; I&V (Rijksinstituut voor Volksgezondheid en Milieu RIVMStichting Werkgroep Antibiotica Beleid SWAB, 2016-06-30)
      Wereldwijd neemt het aantal bacteriën dat resistent is tegen antibiotica toe. In Nederland is van de meeste bacteriën die in resistente vorm bij mensen is aangetroffen, het aantal de afgelopen jaren stabiel gebleven. Toch is er reden voor zorg. Het gebruik van antibiotica neemt langzaam toe. Ook zijn sommige resistente bacteriën, zoals Klebsiella, die resistent zijn voor 'laatste redmiddel-antibiotica' (carbapenems), in 2015 iets vaker aangetroffen, onder andere door een 'uitbraak' in een zorginstelling. <br>Gezonde mensen hebben daar geen last van, maar kwetsbare mensen kunnen er ziek van worden.<br>Verder blijken steeds meer bacteriën die bij mensen infecties kunnen veroorzaken, resistent tegen de antibiotica die als laatste redmiddel gebruikt worden. Dat betekent dat de keuze voor een antibioticum dat goed werkt steeds moeilijker wordt.<br> <br>Om de ontwikkeling van resistentie tegen te gaan, moet het antibioticagebruik beter op de individuele patiënt en de infectie worden afgestemd. Daarnaast is het van belang dat zorgverleners zorgvuldig de hygiëne- en infectiepreventiemaatregelen naleven om te voorkomen dat resistente bacteriën zich verspreiden. Dankzij deze maatregelen is bijvoorbeeld het aantal MRSA-bacteriën in ziekenhuizen in de afgelopen jaren laag gebleven. Deze 'ziekenhuisbacterie' wordt overgedragen via direct huidcontact, vooral via handen en is ongevoelig voor veel soorten antibiotica.<br> <br>Het gebruik van antibiotica in Nederland die via de huisarts zijn verstrekt, is marginaal toegenomen (met ongeveer 1 procent ten opzichte van het voorgaande jaar). In Nederlandse ziekenhuizen is het totale gebruik eveneens licht gestegen (4-5 procent). Het gebruik van antibiotica voor dieren is, na jaren van forse daling, in 2015 zo goed als stabiel gebleven. Wel blijkt de mate waarin resistente bacteriën bij dieren voorkomen te zijn afgenomen.<br> <br>Dit blijkt uit de jaarlijkse rapportage NethMap/MARAN 2016, waarin diverse organisaties de gegevens over het antibioticagebruik en resistentie, zowel voor mensen als voor dieren, gezamenlijk presenteren.<br> <br>part 1: NethMap 2016 pag 1-140<br>part 2: MARAN 2016 pag 1-76<br>
    • NethMap 2017: Consumption of antimicrobial agents and antimicrobial resistance among medically important bacteria in the Netherlands / MARAN 2017: Monitoring of antimicrobial resistance and antibiotic usage in animals in the Netherlands in 2016

      de Greeff SC; Mouton JW; ZIA; I&V (Rijksinstituut voor Volksgezondheid en Milieu RIVM, 2017-06-29)
      Wereldwijd neemt het aantal bacteriën die resistent zijn tegen antibiotica toe. In Nederland is het aantal resistente bacteriën die bij mensen infecties kunnen veroorzaken, ongeveer stabiel gebleven. Toch blijft er reden voor zorg en oplettendheid. In 2016 zijn er ten opzichte van 2015 meer 'uitbraken' in zorginstellingen gemeld van bacteriën die resistent zijn tegen de antibiotica die als laatste redmiddel worden gebruikt. De kans bestaat dat deze bacteriën nog vaker gaan voorkomen. Gezonde mensen hebben daar geen last van, maar kwetsbare mensen kunnen er ziek van worden. Als steeds meer bacteriën resistent worden tegen antibiotica, worden de behandelmogelijkheden op den duur beperkt en wordt het moeilijker om ook onschuldige kwalen als een blaasontsteking te kunnen behandelen. Hoe meer antibiotica worden gebruikt, hoe groter de kans dat bacteriën resistent worden. In 2016 hebben huisartsen ongeveer 2 procent minder antibioticakuren voorgeschreven dan in 2015. In Nederlandse ziekenhuizen is het totale gebruik in 2015 stabiel gebleven, in tegenstelling tot een stijging van antibioticagebruik in het jaar ervoor. Het gebruik van antibiotica voor dieren is in 2016 verder gedaald ten opzichte van 2015, maar neemt de laatste jaren minder snel af dan daarvoor. De mate waarin resistente bacteriën bij dieren voorkomen bleek ook verder te zijn afgenomen. Dit blijkt uit de jaarlijkse rapportage NethMap/MARAN 2017, waarin diverse organisaties de gegevens over het antibioticagebruik en -resistentie in Nederland, zowel voor mensen als voor dieren, gezamenlijk presenteren. Om resistentie tegen te gaan is het van belang de keuze om antibiotica voor te schrijven af te stemmen op de individuele patiënt en de infectie. Ten tweede is het belangrijk dat snel duidelijk wordt wanneer er sprake is van resistente bacteriën en dat goede tests worden gebruikt om dat te bepalen. Ten derde is het van belang dat zorgverleners zorgvuldig de bestaande (hygiëne)maatregelen, zoals handen wassen, naleven om te voorkomen dat resistente bacteriën zich verspreiden. Door op deze manieren te handelen is bijvoorbeeld het aantal MRSA-bacteriën in ziekenhuizen de afgelopen jaren laag gebleven. Deze 'ziekenhuisbacterie' wordt overgedragen via direct huidcontact, vooral via handen, en is ongevoelig voor veel soorten antibiotica. Part 1: NethMap 2017 pg 1 - 160 Part 2: MARAN 2017 pg 1 - 80
    • NethMap 2018: Consumption of antimicrobial agents and antimicrobial resistance among medically important bacteria in the Netherlands / MARAN 2018: Monitoring of Antimicrobial Resistance and Antibiotic Usage in Animals in the Netherlands in 2017

      de Greeff SC; Mouton JW; ZIA; EPI (Rijksinstituut voor Volksgezondheid en Milieu RIVM, 2018-06-27)
      The number of bacteria that are resistant to antibiotics is increasing worldwide. That number has generally remained fairly stable in the Netherlands. Nevertheless, there is cause for concern and caution. Certain resistant bacteria, the so-called ESBL-producing intestinal bacteria, have become more common among patients of GPs and in hospitals during the past 5 years. ESBL are enzymes that can break down commonly used antibiotics such as penicillins. These bacteria can cause harmless infections, such as bladder infections, that are more difficult to treat because of resistance. Moreover, more frequent use must be made of types of antibiotics that are only used as a last resort. To prevent resistance it is important to use antibiotics properly and only when necessary. In recent years, GPs have been prescribing fewer antibiotics. In hospitals, on the other hand, total antibiotic use increased in 2016 compared to the previous year. On balance, total antibiotic use for animals in 2017 was comparable to 2016. Use declined in some animal sectors, while it increased slightly in other sectors. The antibiotics that are important to humans are only used to a limited extent in the animal sectors. The prevalence of ESBLs has declined further among almost all types of animals used for the food production, with the exception of veal calves where an increase was seen. This is evident from the annual report NethMap/MARAN 2018, in which various organisations jointly present data on antibiotic use and resistance in the Netherlands, both for humans and animals. In the past two years, extra measures have been taken in the Netherlands to combat antibiotic resistance. These measures go beyond healthcare. After all, resistant bacteria do not adhere to land borders and also occur in animals, food and in the environment (One Health). To support this approach, 'regional cooperative networks' were set up in 2017. They have the task of stimulating collaboration between different healthcare professionals in preventing and combating antibiotic resistance. In addition, there has been more attention to antibiotic resistance in nursing homes. For example, a new study investigates how many residents carry resistant bacteria. The results are expected at the end of 2018. Part 1: NethMap 2017 pg 1 - 156 Part 2: MARAN 2017 pg 1 - 78
    • Rapportage signaleringsoverleg ziekenhuisinfecties en antimicrobiele resistentie : jaren 2012 en 2013

      van der Bij AK; Bonten MJM; Budding W; Kardamanidis K; Notermans D; Spijkerman I; Timen A; ZIA; I&V (Rijksinstituut voor Volksgezondheid en Milieu RIVMNVMMVHIGWIPAMC, 2014-09-17)
      The Signaling Consultation of Hospital acquired Infections and AntiMicrobial Resistance (SO-ZI/AMR) was founded in 2012. It is a national notification point for outbreaks in hospitals and other healthcare facilities, of bacteria resistant to antibiotics. Between April 2012, when the SO-ZI/AMR started, and the end of December 2013, a total of 59 outbreaks were notified. Most of these outbreaks ended within 2 months, which means that the causative bacteria and the source were identified, and that transmission to other patients was stopped. A small number of outbreaks lasted longer than 2 months. None of the outbreaks were considered uncontrollable or a direct threat to public health. The notifications were mostly of outbreaks of the bacteria Staphylococcus aureus (MRSA, resistant against Methicillin), enterococci (VRE, resistant against Vancomycin) en Clostridium difficile. A few outbreaks were notified of the multidrug-resistant bacteria Klebsiella pneumoniae. Outbreaks of other bacteria or viruses were notified sporadically. The SO-ZI/AMR was established after the large-scale outbreak occurred in the Maasstad hospital in Rotterdam in 2011. The National Institute for Public Health and the Environment (RIVM) provides the secretariat. The purpose of the Signaling Consultation is the prevention or mitigation of large-scale outbreaks in hospitals through early recognition. The SO-ZI/AMR assesses the risk of the outbreak to public health and may advise a hospital to request external expertise. The SO-ZI/AMR also monitors the course of the outbreak. Notifications are voluntary, but do not come without obligations. All hospitals have committed themselves to this.