• Comparability of different ELISAs on the detection of Salmonella spp. antibodies in meat juice and serum

      Berk PA; van der Heijden HMJF; Mooijman KA; LZO (Rijksinstituut voor Volksgezondheid en Milieu RIVMGD Deventer, 2009-01-23)
      De Europese Commissie heeft laten onderzoeken of snellere methoden om een Salmonella besmetting bij slachtvarkens op te sporen, geschikt zijn. Dit blijkt niet het geval. Normaal gesproken worden de Salmonella bacterieen met een voorgeschreven kweekmethode uit de lymfeklieren van varkens geisoleerd. De alternatieve methoden analyseren de aanwezigheid van antilichamen tegen Salmonella in het vocht van ontdooid vlees (vleesdrip) of het bloed (serum) van varkens. Het Communautair Referentie Laboratorium voor Salmonella (CRL-Salmonella), gevestigd op het RIVM, heeft in samenwerking met de Gezondheidsdienst voor Dieren (GD, Deventer) de kwaliteit van deze methoden getest. De studie vond plaats tussen oktober 2006 en oktober 2007 in opdracht van de Europese Unie. Het onderzoek bestond uit twee onderdelen. Bij het eerste onderdeel stuurden tien lidstaten zestig vleesdripmonsters naar het CRL. De lidstaten hadden deze monsters met hun eigen methode onderzocht. Voor het CRL onderzocht de GD al deze vleesdripmonsters met een methode. Negen van de tien lidstaten vonden andere resultaten dat de GD. De methoden van de lidstaten zijn daardoor niet vergelijkbaar om vleesdrip te testen. Bij het tweede onderdeel kregen de lidstaten serummonsters van varkens met en zonder Salmonella-infectie toegestuurd. Deze monsters werden getest op de aanwezigheid van antilichamen tegen Salmonella. Alle lidstaten hebben goede resultaten behaald. In theorie zou deze methode dus gebruikt kunnen worden, maar voor het afnemen van bloed bij varkens tijdens de slachtfase en het opwerken van het bloed is specifieke kennis nodig die niet in alle slachthuizen aanwezig is.