• The Future of the Global Environment: A Model-based Analysis Supporting UNEP's First Global Environment Outlook

      Bakkes JA; van Woerden JW; Alcamo J; Berk MM; Bol P; van den Born GJ; ten Brink BJE; Hettelingh JP; Langeweg F; Niessen LW; et al. (Rijksinstituut voor Volksgezondheid en Milieu RIVMUnited Nations Environment Programme (UNEP)NairobiKenia, 1997-01-27)
      Dit rapport bevat de details van de scenario-analyse in de gelijktijdig verschijnende eerste Global Environment Outlook, onder auspicien van UNEP. Dit is een proeve van een wereldmilieuverkenning tot 2015 met een doorkijkje naar 2050. De studie is uitgevoerd ten behoeve van de tussenbalans van Agenda 21, vijf jaar na 'Rio' en tien jaar na 'Brundtland'. De scenario-analyse is gebaseerd op slechts een scenario, het Conventional Development scenario. Impliciet daarin is dat hoewel de gemiddelde welvaart stijgt, de verschillen in de wereld alleen maar toenemen. De analyse met behulp van gedetailleerde milieumodellen versterkt dat beeld. Het landbouwareaal breidt sterk uit om aan de toenemende vraag naar voedsel te voldoen, bij achterblijvende landbouwproductiviteit in Afrika en Azie. Van de natuurgebieden blijft niet veel over, en wat overblijft komt onder grote druk. De verhouding tussen beschikbaar en benodigd zoet water wordt ongunstiger, met sterke regionale verschillen. Handel in voedsel wordt een steeds belangrijker factor, zowel voor welvaart als voor de vraag waar op de wereld het milieu het meest belast wordt. De noodzakelijke transities op het gebied van gezondheid en demografische ontwikkelingen worden geillustreerd met case-studies over India, Mexico en Nederland. Milieubeheer zal gaandeweg een belangrijker factor worden bij het bevorderen van een gezonde levensverwachting in ontwikkelingslanden. Toekomstige generaties zullen steeds effectiever omspringen met energie, land en water. Maar hoewel het onderzochte scenario op dit punt tamelijk optimistisch is, zijn de veronderstelde efficiencyverbeteringen over het geheel genomen onvoldoende om de groei van de behoefte op te vangen. Aan de andere kant laten voorlopige berekeningen zien dat er technisch gesproken veel ruimte is om de druk op natuurlijke hulpbronnen te verminderen - aangenomen dat de politieke wil aanwezig is.<br>