Show simple item record

dc.contributor.authorvan den Hoop MAGT
dc.contributor.authorHoegee-Wehmann AA
dc.contributor.authorCleven RFMJ
dc.contributor.authorJanssen RPT
dc.date.accessioned2017-02-20T07:26:56
dc.date.issued1995-12-31
dc.identifier502501033
dc.description.abstractDe voltammetrische bepaling van de kopercomplexeringscapaciteit (CuCC) in aquatische systemen onder niet gebufferde condities is beschreven en toegepast op 16 poriewatermonsters. Op basis van de verschuiving van de potentiaal van de koperpiek kon worden vastgesteld dat het merendeel van de kopercomplexen voltammetrisch labiel was onder de gehanteerde experimentele condities. De CuCC varieerde van <0.45 tot circa 2.50 micromol per liter. Bij 3 monsters nam de concentratie voltammetrisch gemeten lood toe gedurende de titratie met koper duidend op competitie tussen lood en koper voor de aanwezige bindingsplaatsen. Uit de titratiecurven, het totaal kopergehalte en het voltammetrisch kopergehalte werd de gemiddelde stabiliteit (K) van de kopercomplexen als functie van de bezettingsgraad geschat. De K-waarden varieerden van ongeveer 4*10 exp. 6 tot 1*10 exp. 9 l per mol afhankelijk van het monster en de bezettingsgraad.<br>
dc.description.abstractThe voltammetric determination of the copper complexing capacity (CuCC) in aquatic systems for non-buffer conditions is described and applied to 16 pore water samples. On the basis of the potential shift of the copper peak the copper complexes were classified as labile under the present experimental conditions. The CuCC varied from <0.45 to approximately 2.50 micromol per l. For three samples an increase in the lead concentration was observed with increasing copper additions, indicating competitive behaviour of lead and copper for the available binding sites. For each point of the titration curve, the conditional stability (K) of the copper complexes could be estimated on the basis of the CuCC, the total Cu content and the voltammetric Cu concentration. Values for K were found to vary from approximately 4*10 exp. 6 to 1*10 exp. 9 l per mol, depending on the sample and the degree of coverage.<br>
dc.description.sponsorshipRIVM
dc.format.extent34 p
dc.language.isonl
dc.publisherRijksinstituut voor Volksgezondheid en Milieu RIVM
dc.relation.ispartofRIVM Rapport 502501033
dc.relation.urlhttp://www.rivm.nl/bibliotheek/rapporten/502501033.html
dc.subject10nl
dc.subjectvoltammetrienl
dc.subjectbodemvochtnl
dc.subjectkopernl
dc.subjectdeterminatienl
dc.subjectmetaalspeciatienl
dc.subjectporiewaternl
dc.subjectvoltametryen
dc.subjectsoil moistureen
dc.subjectcopperen
dc.subjectdeterminationen
dc.subjectvoltammetryen
dc.subjectmetal speciationen
dc.subjectpore wateren
dc.titleVoltammetrische bepaling van de kopercomplexeringscapaciteit van poriewaternl
dc.title.alternativeVoltammetric determination of the copper complexing capacity of pore wateren
dc.typeReport
dc.contributor.departmentLAC
dc.date.updated2017-02-20T06:26:57Z
html.description.abstractDe voltammetrische bepaling van de kopercomplexeringscapaciteit (CuCC) in aquatische systemen onder niet gebufferde condities is beschreven en toegepast op 16 poriewatermonsters. Op basis van de verschuiving van de potentiaal van de koperpiek kon worden vastgesteld dat het merendeel van de kopercomplexen voltammetrisch labiel was onder de gehanteerde experimentele condities. De CuCC varieerde van &lt;0.45 tot circa 2.50 micromol per liter. Bij 3 monsters nam de concentratie voltammetrisch gemeten lood toe gedurende de titratie met koper duidend op competitie tussen lood en koper voor de aanwezige bindingsplaatsen. Uit de titratiecurven, het totaal kopergehalte en het voltammetrisch kopergehalte werd de gemiddelde stabiliteit (K) van de kopercomplexen als functie van de bezettingsgraad geschat. De K-waarden varieerden van ongeveer 4*10 exp. 6 tot 1*10 exp. 9 l per mol afhankelijk van het monster en de bezettingsgraad.&lt;br&gt;
html.description.abstractThe voltammetric determination of the copper complexing capacity (CuCC) in aquatic systems for non-buffer conditions is described and applied to 16 pore water samples. On the basis of the potential shift of the copper peak the copper complexes were classified as labile under the present experimental conditions. The CuCC varied from &lt;0.45 to approximately 2.50 micromol per l. For three samples an increase in the lead concentration was observed with increasing copper additions, indicating competitive behaviour of lead and copper for the available binding sites. For each point of the titration curve, the conditional stability (K) of the copper complexes could be estimated on the basis of the CuCC, the total Cu content and the voltammetric Cu concentration. Values for K were found to vary from approximately 4*10 exp. 6 to 1*10 exp. 9 l per mol, depending on the sample and the degree of coverage.&lt;br&gt;


This item appears in the following Collection(s)

Show simple item record