Show simple item record

dc.contributor.authorLaar MJW van de
dc.contributor.authorHaks K
dc.contributor.authorCoenen AJJ
dc.date.accessioned2012-12-12T20:05:25Z
dc.date.available2012-12-12T20:05:25Z
dc.date.issued2001-05-17
dc.identifier441500012
dc.identifier.urihttp://hdl.handle.net/10029/260323
dc.description.abstractBij de Gemeentelijke Gezondheidsdiensten (GGD's) wordt door sociaal-verpleegkundigen ten behoeve van de non-curatieve soa-bestrijding een registratie bijgehouden van de bezoekers ten behoeve van een SOA-hulpvraag of HIV-testverzoek. De gegevens van deze registratie worden landelijk verzameld en bewerkt. De registratie omvat alleen gegevens van geregistreerde bezoekers van een SOA of HIV spreekuur waarbij een sociaal-verpleegkundige aanwezig was. In 1999 registreerden 39 GGD's in totaal 11.586 consulten (stijging van 15% t.o.v. 1998). Ruim driekwart van de bezoekers was afkomstig uit Nederland. Van de mannelijke bezoekers had driekwart heteroseksueel en 20% homo- of biseksueel contact gehad. Van de vrouwen werkte 21% als prostituee in de zes maanden voorafgaand aan het consult. Het aantal gediagnosticeerde SOA steeg in 1999 met 3% tot 2934; 0% voor vrouwen en 6% voor mannen. Bij 31% van de bezoekers waarbij SOA onderzoek is gedaan, werd een SOA geconstateerd (1998: 36%). Opvallend is dat de groep waarbij een SOA was vastgesteld minder vaak uit Nederland afkomstig was, vaker homoseksuele contacten had en minder vaak prostituant was dan de groep bezoekers in de registratie waarbij geen SOA is vastgesteld. De meest voorkomende SOA bij zowel mannen als vrouwen was chlamydia; bij mannen gevolgd door genitale wratten en gonorroe en bij vrouwen gevolgd door bacteriele vaginose, candidiasis en genitale wratten. In 1999 was bij 5027 consulten sprake van een HIV-testverzoek (precounseling) waarbij 0,9% positief bleek te zijn. In de groep HIV-positieven waren de homo- en biseksuele mannen, net als in 1998, het meest vertegenwoordigd.
dc.description.abstractPublic health nurses at the municipal health services keep a register of patients attending the MHS or STD clinic for diagnosis and treatment of STD or request for HIV-testing. Data are collected at a national level and are only registered for an actual STD or HIV consultation with confirmed diagnosis. Thirty-nine health services registered a total of 11,586 consultations with a confirmed diagnosis in 1999 (15% more than in 1998). About 75% of the patients were Dutch. Three-quarters of the men reported heterosexual contacts, 20% reported homosexual and bisexual contacts. Of the women, 21% reported to have worked as a commercial sex worker in the past 6 months prior to the consultation at the clinic. The number of cases of diagnosed STD had increased by 3% in 1999 (to 2934) with respect to 1998 (2844); for women 0% and for men 6%. An STD was actually diagnosed in 31% of the visitors who were tested for STD (1998: 36%). Patients with a confirmed STD were more often non-Dutch; the percentage with homosexual and bisexual contacts was higher than among the total group of patients. The most common STD for both men and women was chlamydia. The next most common STD for men were genital warts and gonorrhoea, for women bacterial vaginitis, candidiasis and genital warts. A rise of 20% in the number of gonorrhoea cases among men was observed, for women the number declined by 12%. In 1999 5027 patients consulted for HIV and requested HIV-testing; 0.9% were found positive. Just as in 1998, homosexual and bisexual men were most often represented among the HIV-positives.
dc.description.sponsorshipInspectie voor de Gezondheidszorg
dc.formatapplication/pdf
dc.format.extent176 p
dc.format.extent1592 kb
dc.language.isonl
dc.relation.ispartofRIVM Rapport 441500012
dc.relation.urlhttp://www.rivm.nl/bibliotheek/rapporten/441500012.html
dc.relation.urlhttp://www.rivm.nl/bibliotheek/rapporten/441500012.pdf
dc.subject02nl
dc.subjectsoanl
dc.subjectsoa-polikliniekennl
dc.subjectggd'snl
dc.subjectsoa bestrijdingnl
dc.subjectchlamydianl
dc.subjectgonorroenl
dc.subjecthiv-testennl
dc.subjectsyfilisnl
dc.subjecttrendnl
dc.titleRegistratie van SOA en HIV consulten bij GGD's en SOA-poliklinieken: Jaarverslag 1999nl
dc.title.alternativeRegistration of STD and HIV consultations at Regional Community Health Services in the Netherlands: Annual Report 1999en
dc.typeReport
dc.contributor.departmentCIE
dc.date.updated2012-12-12T20:05:25Z
html.description.abstractBij de Gemeentelijke Gezondheidsdiensten (GGD's) wordt door sociaal-verpleegkundigen ten behoeve van de non-curatieve soa-bestrijding een registratie bijgehouden van de bezoekers ten behoeve van een SOA-hulpvraag of HIV-testverzoek. De gegevens van deze registratie worden landelijk verzameld en bewerkt. De registratie omvat alleen gegevens van geregistreerde bezoekers van een SOA of HIV spreekuur waarbij een sociaal-verpleegkundige aanwezig was. In 1999 registreerden 39 GGD's in totaal 11.586 consulten (stijging van 15% t.o.v. 1998). Ruim driekwart van de bezoekers was afkomstig uit Nederland. Van de mannelijke bezoekers had driekwart heteroseksueel en 20% homo- of biseksueel contact gehad. Van de vrouwen werkte 21% als prostituee in de zes maanden voorafgaand aan het consult. Het aantal gediagnosticeerde SOA steeg in 1999 met 3% tot 2934; 0% voor vrouwen en 6% voor mannen. Bij 31% van de bezoekers waarbij SOA onderzoek is gedaan, werd een SOA geconstateerd (1998: 36%). Opvallend is dat de groep waarbij een SOA was vastgesteld minder vaak uit Nederland afkomstig was, vaker homoseksuele contacten had en minder vaak prostituant was dan de groep bezoekers in de registratie waarbij geen SOA is vastgesteld. De meest voorkomende SOA bij zowel mannen als vrouwen was chlamydia; bij mannen gevolgd door genitale wratten en gonorroe en bij vrouwen gevolgd door bacteriele vaginose, candidiasis en genitale wratten. In 1999 was bij 5027 consulten sprake van een HIV-testverzoek (precounseling) waarbij 0,9% positief bleek te zijn. In de groep HIV-positieven waren de homo- en biseksuele mannen, net als in 1998, het meest vertegenwoordigd.
html.description.abstractPublic health nurses at the municipal health services keep a register of patients attending the MHS or STD clinic for diagnosis and treatment of STD or request for HIV-testing. Data are collected at a national level and are only registered for an actual STD or HIV consultation with confirmed diagnosis. Thirty-nine health services registered a total of 11,586 consultations with a confirmed diagnosis in 1999 (15% more than in 1998). About 75% of the patients were Dutch. Three-quarters of the men reported heterosexual contacts, 20% reported homosexual and bisexual contacts. Of the women, 21% reported to have worked as a commercial sex worker in the past 6 months prior to the consultation at the clinic. The number of cases of diagnosed STD had increased by 3% in 1999 (to 2934) with respect to 1998 (2844); for women 0% and for men 6%. An STD was actually diagnosed in 31% of the visitors who were tested for STD (1998: 36%). Patients with a confirmed STD were more often non-Dutch; the percentage with homosexual and bisexual contacts was higher than among the total group of patients. The most common STD for both men and women was chlamydia. The next most common STD for men were genital warts and gonorrhoea, for women bacterial vaginitis, candidiasis and genital warts. A rise of 20% in the number of gonorrhoea cases among men was observed, for women the number declined by 12%. In 1999 5027 patients consulted for HIV and requested HIV-testing; 0.9% were found positive. Just as in 1998, homosexual and bisexual men were most often represented among the HIV-positives.


This item appears in the following Collection(s)

Show simple item record