Show simple item record

dc.contributor.authorvan der Schaaf M
dc.contributor.authorFolkertsma E
dc.date.accessioned20200416
dc.date.available2017-11-13T08:44:02Z
dc.date.issued2017-11-06
dc.identifier.doi10.21945/RIVM-2017-0107
dc.identifier.urihttp://hdl.handle.net/10029/620936
dc.description.abstractIn de geothermie en de olie- en gasindustrie worden jaarlijks grote hoeveelheden afval geproduceerd. Hieronder valt ook de zogenoemde natte 'sludge'. De samenstelling hiervan varieert sterk en kan, afhankelijk van de herkomst, soms radioactiviteit van natuurlijke oorsprong bevatten. In 2018 moet Nederland voldoen aan de algemene Europese regelgeving voor radioactieve stoffen. Als dit zonder meer ('beleidsarm') wordt overgenomen, zal meer afval op een speciale manier als radioactief materiaal moeten worden behandeld. De ANVS heeft het RIVM daarom gevraagd te onderzoeken of er een specifiekere norm voor de hoeveelheid radioactief materiaal in natte sludges kan worden gebruikt. Hierbij zou gewerkt kunnen worden met Europese aanbevelingen die al in 2001 zijn bepaald. Deze Europese grenswaarden blijken voor een belangrijk deel bruikbaar voor sludges afkomstig uit de Nederlandse olie- en gasindustrie en de geothermie. Indien deze grenswaarden in Nederland zouden worden ingevoerd, zal minder afval als radioactief materiaal moeten worden behandeld. Hierdoor zal wel de blootstelling van werknemers in de sludgeverwerkende industrie aan ioniserende straling licht toenemen.
dc.description.abstractThe use of radioactive materials can lead to exposure of individuals to ionising radiation. Due to the fact that exposure results in health risks, these practices are subject to rules and regulations. The degree of risk depends upon the level of exposure. Materials that cause very low radiological risks can be exempted from these rules and regulations ('generic exemption and clearance'). At present, new European regulations on this subject are being implemented into Dutch legislation, according to a "minimum additional national requirements approach" ('minimal implementation'). As a result of this 'minimal implementation' of these updated regulations, the number of nuclides for which exemption and clearance levels exist will be reduced from approximately 800 to approximately 300. This is a consequence of the fact that the Netherlands - as requested by stakeholders - in the past introduced exemption and clearance levels for a large number of additional nuclides in current legislation. Stakeholders have indicated that these levels should be maintained for the nuclides that are not covered under the new regulations. Accordingly, at the request of the Authority for Nuclear Safety and Radiation Protection (ANVS), RIVM has investigated exemption and clearance levels that can replace the present ones and comply with the new European regulations. These exemption and clearance levels can be included in a ministerial decree by the minister for Infrastructure and the Environment.
dc.description.sponsorshipAutoriteit Nucleaire Veiligheid en Stralingsbescherming (ANVS)en
dc.language.isonlen
dc.publisherRijksinstituut voor Volksgezondheid en Milieu RIVMen
dc.relation.ispartofseriesRIVM briefrapport 2017-0107en
dc.relation.urlhttp://www.rivm.nl/bibliotheek/rapporten/20170046.pdf
dc.subjectvrijstellingen
dc.subjectvrijgaveen
dc.subjectgrenswaardenen
dc.subjectradioactiviteit van natuurlijke oorsprongen
dc.subjectNORMen
dc.subjectolie- en gasindustrieen
dc.subjectgeothermieen
dc.subjectsludgesen
dc.subject2013/59/Euratomen
dc.subjectexemptionen
dc.subjectclearanceen
dc.subjectclearance levelsen
dc.subjectradioactivity of natural originen
dc.subjectoil and gas industryen
dc.subjectgeothermicsen
dc.subjectsludgesen
dc.subjectRIVM rapport 2017-0107nl
dc.titleGrenswaarden voor specifieke vrijgave van natte sludges uit de Nederlandse olie- en gassector en geothermie : Onderzoek voor de implementatie van richtlijn 2013/59/Euratomnl
dc.title.alternativeClearance levels for specific clearance of wet sludges from the Dutch oil and gas sector and geothermal sector : Clearance levels for specific clearance of wet sludges from the Dutch oil and gas sector and geothermal sectoren
dc.typeReporten
dc.contributor.departmentM&M
dc.contributor.divisionVLH
refterms.dateFOA2018-12-13T11:15:10Z
html.description.abstractIn de geothermie en de olie- en gasindustrie worden jaarlijks grote hoeveelheden afval geproduceerd. Hieronder valt ook de zogenoemde natte 'sludge'. De samenstelling hiervan varieert sterk en kan, afhankelijk van de herkomst, soms radioactiviteit van natuurlijke oorsprong bevatten. In 2018 moet Nederland voldoen aan de algemene Europese regelgeving voor radioactieve stoffen. Als dit zonder meer ('beleidsarm') wordt overgenomen, zal meer afval op een speciale manier als radioactief materiaal moeten worden behandeld. De ANVS heeft het RIVM daarom gevraagd te onderzoeken of er een specifiekere norm voor de hoeveelheid radioactief materiaal in natte sludges kan worden gebruikt. Hierbij zou gewerkt kunnen worden met Europese aanbevelingen die al in 2001 zijn bepaald. Deze Europese grenswaarden blijken voor een belangrijk deel bruikbaar voor sludges afkomstig uit de Nederlandse olie- en gasindustrie en de geothermie. Indien deze grenswaarden in Nederland zouden worden ingevoerd, zal minder afval als radioactief materiaal moeten worden behandeld. Hierdoor zal wel de blootstelling van werknemers in de sludgeverwerkende industrie aan ioniserende straling licht toenemen.
html.description.abstractThe use of radioactive materials can lead to exposure of individuals to ionising radiation. Due to the fact that exposure results in health risks, these practices are subject to rules and regulations. The degree of risk depends upon the level of exposure. Materials that cause very low radiological risks can be exempted from these rules and regulations ('generic exemption and clearance'). At present, new European regulations on this subject are being implemented into Dutch legislation, according to a "minimum additional national requirements approach" ('minimal implementation'). As a result of this 'minimal implementation' of these updated regulations, the number of nuclides for which exemption and clearance levels exist will be reduced from approximately 800 to approximately 300. This is a consequence of the fact that the Netherlands - as requested by stakeholders - in the past introduced exemption and clearance levels for a large number of additional nuclides in current legislation. Stakeholders have indicated that these levels should be maintained for the nuclides that are not covered under the new regulations. Accordingly, at the request of the Authority for Nuclear Safety and Radiation Protection (ANVS), RIVM has investigated exemption and clearance levels that can replace the present ones and comply with the new European regulations. These exemption and clearance levels can be included in a ministerial decree by the minister for Infrastructure and the Environment.


Files in this item

Thumbnail
Name:
2017-0107.pdf
Size:
574.4Kb
Format:
PDF
Description:
briefrapport

This item appears in the following Collection(s)

Show simple item record