Show simple item record

dc.contributor.authorSwartjes F
dc.contributor.authorJanssen P
dc.contributor.authorDusseldorp A
dc.contributor.authorHagens W
dc.date.accessioned20200415
dc.date.available2018-02-02T08:28:04Z
dc.date.issued2018-01-23
dc.identifier.doi10.21945/RIVM-2017-0177
dc.identifier.urihttp://hdl.handle.net/10029/621293
dc.description.abstractArseen kan van nature in de grond en het grondwater zitten of daar door activiteiten van de mens in het verleden in terecht gekomen zijn. Wanneer mensen zelf groenten telen, kunnen zij tijdens het tuinieren ongemerkt bodemdeeltjes inslikken. Hierdoor kunnen zij arseen binnenkrijgen. Dat kan ook door de groenten te eten die zijn geteeld op met arseen verontreinigde bodem. Op verzoek van de GGD'en heeft het RIVM een handreiking opgesteld over de beoordeling van de gezondheidsrisico's bij het eten en zelf telen van groenten op bodems die met arseen zijn verontreinigd. Die beoordeling is lastig, omdat onzeker is hoeveel arseen vanuit de bodem in de groenten terechtkomt. Daarnaast is er voor arseen geen actuele waarde voor de 'toelaatbare blootstelling' beschikbaar. De handreiking geeft een indicatie van de waarde die op dit moment het beste als 'toelaatbare blootstelling' voor arseen kan worden gebruikt. De blootstelling aan arseen via het zelf telen en eten van groenten is hierbij hoog ingeschat omdat de opname van arseen door de groenten uit de bodem onvoorspelbaar is. De blootstelling is vervolgens vergeleken met de zogenoemde achtergrondblootstelling aan arseen. Dit is de hoeveelheid arseen waar iedereen aan wordt blootgesteld (namelijk via in de winkel gekochte levensmiddelen als rijst, granen en melk, via drinkwater en mogelijk via andere bronnen), onafhankelijk van lokale bodemverontreiniging. De blootstelling via groenten die men zelf zou kunnen telen, draagt ongeveer 10 procent bij aan de achtergrond-blootstelling; de achtergrondblootstelling via andere levensmiddelen vormt het grootste deel. Ten slotte worden handelingsperspectieven geboden om de blootstelling aan arseen te verminderen bij het moestuinieren. Dat kan bijvoorbeeld voorlichting zijn om de hoeveelheid ingeslikte gronddeeltjes te verminderen.
dc.description.abstractArsenic is a naturally occurring substance in soil and groundwater, but it can also be present in soil and groundwater through past human activities. When people grow their own vegetables on plots contaminated with arsenic, they may unintentionally ingest soil particles whilst tending their crops and in doing so, they may ingest arsenic. This is also possible when eating vegetables that have been grown on soil contaminated with arsenic. RIVM was requested by the municipal health services (GGDs) to advise on the assessment of the human health risks of growing vegetables in soil contaminated with arsenic. This assessment is difficult because it is uncertain how much of the arsenic in the soil accumulates in vegetables. In addition, a current guideline value for 'tolerable exposure' to arsenic is lacking. This guidance provides an indication of a state-of-art guideline value for 'tolerable exposure' to arsenic. A conservative estimate (based on high exposure) of exposure to arsenic through vegetable consumption was made, because the assessment of the accumulation of arsenic in vegetables is unpredictable cumbersome. Subsequently, the exposure to arsenic through growing vegetables was compared to the so-called background exposure. This is the intake of arsenic by the general public through purchased foods such as rice, cereals and milk, drinking water and possibly other exposure routes, independent of local soil contamination. It was calculated that exposure through the vegetables which people are more likely to grow themselves contributes about 10% to background exposure; the remaining background exposure is predominantly from other food products. Finally, this report offers advice on how to reduce exposure to arsenic for people who grow their own vegetables. This can be done, for example, through information on how to reduce the amount of ingested soil.
dc.description.sponsorshipProgrammacollege Gezondheid en Milieuen
dc.language.isonlen
dc.publisherRijksinstituut voor Volksgezondheid en Milieu RIVMen
dc.relation.ispartofseriesRIVM briefrapport 2017-0177en
dc.relation.urlhttp://www.rivm.nl/bibliotheek/rapporten/2017-0177.pdf
dc.subjectarseennl
dc.subjecttoelaatbare blootstellingnl
dc.subjectbeoordeling gezondheidsrisico'snl
dc.subjectmoestuinnl
dc.subjectarsenicen
dc.subjecttolerable exposureen
dc.subjecthuman health risk assessen
dc.subjectplant uptakeen
dc.subjectRIVM rapport 2017-0177nl
dc.titleHandreiking voor de risicobeoordeling van arseen in de bodem voor de particuliere groenteteeltnl
dc.title.alternativeGuidance on the risk assessment of arsenic in soil for private vegetable gardeningen
dc.typeReporten
dc.contributor.divisionCGM
refterms.dateFOA2018-12-13T10:04:58Z
html.description.abstractArseen kan van nature in de grond en het grondwater zitten of daar door activiteiten van de mens in het verleden in terecht gekomen zijn. Wanneer mensen zelf groenten telen, kunnen zij tijdens het tuinieren ongemerkt bodemdeeltjes inslikken. Hierdoor kunnen zij arseen binnenkrijgen. Dat kan ook door de groenten te eten die zijn geteeld op met arseen verontreinigde bodem. Op verzoek van de GGD'en heeft het RIVM een handreiking opgesteld over de beoordeling van de gezondheidsrisico's bij het eten en zelf telen van groenten op bodems die met arseen zijn verontreinigd. Die beoordeling is lastig, omdat onzeker is hoeveel arseen vanuit de bodem in de groenten terechtkomt. Daarnaast is er voor arseen geen actuele waarde voor de 'toelaatbare blootstelling' beschikbaar. De handreiking geeft een indicatie van de waarde die op dit moment het beste als 'toelaatbare blootstelling' voor arseen kan worden gebruikt. De blootstelling aan arseen via het zelf telen en eten van groenten is hierbij hoog ingeschat omdat de opname van arseen door de groenten uit de bodem onvoorspelbaar is. De blootstelling is vervolgens vergeleken met de zogenoemde achtergrondblootstelling aan arseen. Dit is de hoeveelheid arseen waar iedereen aan wordt blootgesteld (namelijk via in de winkel gekochte levensmiddelen als rijst, granen en melk, via drinkwater en mogelijk via andere bronnen), onafhankelijk van lokale bodemverontreiniging. De blootstelling via groenten die men zelf zou kunnen telen, draagt ongeveer 10 procent bij aan de achtergrond-blootstelling; de achtergrondblootstelling via andere levensmiddelen vormt het grootste deel. Ten slotte worden handelingsperspectieven geboden om de blootstelling aan arseen te verminderen bij het moestuinieren. Dat kan bijvoorbeeld voorlichting zijn om de hoeveelheid ingeslikte gronddeeltjes te verminderen.
html.description.abstractArsenic is a naturally occurring substance in soil and groundwater, but it can also be present in soil and groundwater through past human activities. When people grow their own vegetables on plots contaminated with arsenic, they may unintentionally ingest soil particles whilst tending their crops and in doing so, they may ingest arsenic. This is also possible when eating vegetables that have been grown on soil contaminated with arsenic. RIVM was requested by the municipal health services (GGDs) to advise on the assessment of the human health risks of growing vegetables in soil contaminated with arsenic. This assessment is difficult because it is uncertain how much of the arsenic in the soil accumulates in vegetables. In addition, a current guideline value for 'tolerable exposure' to arsenic is lacking. This guidance provides an indication of a state-of-art guideline value for 'tolerable exposure' to arsenic. A conservative estimate (based on high exposure) of exposure to arsenic through vegetable consumption was made, because the assessment of the accumulation of arsenic in vegetables is unpredictable cumbersome. Subsequently, the exposure to arsenic through growing vegetables was compared to the so-called background exposure. This is the intake of arsenic by the general public through purchased foods such as rice, cereals and milk, drinking water and possibly other exposure routes, independent of local soil contamination. It was calculated that exposure through the vegetables which people are more likely to grow themselves contributes about 10% to background exposure; the remaining background exposure is predominantly from other food products. Finally, this report offers advice on how to reduce exposure to arsenic for people who grow their own vegetables. This can be done, for example, through information on how to reduce the amount of ingested soil.


Files in this item

Thumbnail
Name:
2017-0177.pdf
Size:
885.5Kb
Format:
PDF

This item appears in the following Collection(s)

Show simple item record