Show simple item record

dc.contributor.authorFolkert RJM
dc.contributor.authorJimmink BA
dc.contributor.authorNoordijk H
dc.date.accessioned2007-02-26T16:18:21Z
dc.date.available2007-02-26T16:18:21Z
dc.date.issued2002-06-13en_US
dc.identifier725601007en_US
dc.identifier.urihttp://hdl.handle.net/10029/9331
dc.description.abstractBefore implementing the second European directive, the member states of the European Union should assess the air quality for carbon monoxide and benzene in their countries. Checks against the limit values show no exceedances in the Netherlands in 2000. The concentrations of benzene and carbon monoxide show a downward trend. A further decrease in both components is expected. If the air quality is only determined on the basis of measurements, a total of 15 measurement stations will be compulsory in the Netherlands for measuring carbon monoxide and 19 for benzene. The requirement for carbon monoxide can be met if the current LML stations are classified differently. For benzene, the current configuration is not sufficient. As the concentrations are expected to decrease further, the choice here has been for a combination of new monitors with additional instruments to assess the air quality.
dc.description.abstractVoorafgaand aan de invoering van de tweede EU dochterrichtlijn, wordt de luchtkwaliteit, voor koolmonoxide en benzeen, in de lidstaten beoordeeld. Toetsing aan de grenswaarden levert geen overschrijding van de nieuwe EU norm op in Nederland in 2000. De concentratie van beide componenten vertoont een dalende trend. Een verdere afname wordt verwacht voor beide componenten. Voor de informatie voorziening aan de EU zijn in Nederland 15 stations voor koolmonoxide en 19 voor benzeen nodig als metingen de enige informatiebron vormen. Voor koolmonoxide kan door een nieuwe rangschikking van de huidige meetstations uit het LML aan deze meetverplichting worden voldaan. Voor benzeen zijn niet voldoende meetopstellingen aanwezig. Vanwege de dalende trend is hier gekozen voor een combinatie van nieuwe meetopstellingen met aanvullende instrumenten om de luchtkwaliteit te beoordelen.
dc.format.extent1493000 bytesen_US
dc.format.extent1528243 bytes
dc.format.mimetypeapplication/pdf
dc.language.isoenen_US
dc.publisherRijksinstituut voor Volksgezondheid en Milieu RIVMen_US
dc.relation.ispartofseriesRIVM rapport 725601007en_US
dc.relation.urlhttp://www.rivm.nl/bibliotheek/rapporten/725601007.htmlen_US
dc.subject.otherair qualityen
dc.subject.othercarbon monoxideen
dc.subject.otherbenzeneen
dc.subject.otherec regulationsen
dc.subject.otherluchtkwaliteitnl
dc.subject.otherkoolmonoxidenl
dc.subject.otherbenzeennl
dc.subject.othereg-regelgevingnl
dc.subject.othereu-regelgevingnl
dc.subject.otherlmlnl
dc.titlePreliminary assessment of air quality for carbon monoxide and benzene in the Netherlands under EU legislationen_US
dc.title.alternativeVoorlopige beoordeling van de luchtkwaliteit voor koolmonoxide en benzeen in Nederland in het kader van de EU regelgevingen_US
dc.contributor.departmentLLOen_US
refterms.dateFOA2018-12-18T11:41:39Z
html.description.abstractBefore implementing the second European directive, the member states of the European Union should assess the air quality for carbon monoxide and benzene in their countries. Checks against the limit values show no exceedances in the Netherlands in 2000. The concentrations of benzene and carbon monoxide show a downward trend. A further decrease in both components is expected. If the air quality is only determined on the basis of measurements, a total of 15 measurement stations will be compulsory in the Netherlands for measuring carbon monoxide and 19 for benzene. The requirement for carbon monoxide can be met if the current LML stations are classified differently. For benzene, the current configuration is not sufficient. As the concentrations are expected to decrease further, the choice here has been for a combination of new monitors with additional instruments to assess the air quality.
html.description.abstractVoorafgaand aan de invoering van de tweede EU dochterrichtlijn, wordt de luchtkwaliteit, voor koolmonoxide en benzeen, in de lidstaten beoordeeld. Toetsing aan de grenswaarden levert geen overschrijding van de nieuwe EU norm op in Nederland in 2000. De concentratie van beide componenten vertoont een dalende trend. Een verdere afname wordt verwacht voor beide componenten. Voor de informatie voorziening aan de EU zijn in Nederland 15 stations voor koolmonoxide en 19 voor benzeen nodig als metingen de enige informatiebron vormen. Voor koolmonoxide kan door een nieuwe rangschikking van de huidige meetstations uit het LML aan deze meetverplichting worden voldaan. Voor benzeen zijn niet voldoende meetopstellingen aanwezig. Vanwege de dalende trend is hier gekozen voor een combinatie van nieuwe meetopstellingen met aanvullende instrumenten om de luchtkwaliteit te beoordelen.


Files in this item

Thumbnail
Name:
725601007.pdf
Size:
1.457Mb
Format:
PDF

This item appears in the following Collection(s)

Show simple item record