RIVM Publications Repository

Recent Submissions

  • ItemOpen Access
    EURL-Salmonella combined Proficiency Test- Interlaboratory Study for Primary Production Stage and Food 2024. Detection of Salmonella in fabric swabs
    (Rijksinstituut voor Volksgezondheid en Milieu RIVM, 2026-03-05) Pol-Hofstad, IE; Mooijman, KA

    Sinds 1992 zijn de Nationale Referentie Laboratoria (NRL's) van de Europese lidstaten verplicht om elk jaar hun kwaliteit te laten toetsen met zogeheten ringonderzoeken. Het doel van dit ringonderzoek is Salmonella bacteriën opsporen in monsters uit de leefomgeving van dieren, zoals stallen en voedsel of voedselproductieomgeving. In 2024 waren bijna alle NRL's uit de EU-lidstaten in staat om Salmonella aan te tonen in veegdoekjes. Op één na konden alle deelnemers hoge en lage concentraties Salmonella aantonen.

    Daarnaast zijn er in de interlaboratoriumstudie ook monsters getest met een extra lage concentratie Salmonella. Deze bevatten slechts één Salmonella bacterie per veegdoekje. Deze monsters waren vooral bedoeld om de kwaliteit van de methode zelf te testen.

    Eén laboratorium had moeite om Salmonella aan te tonen in veegdoekjes met een lage concentratie Salmonella; dit laboratorium was wel in staat om Salmonella aan te tonen in veegdoekjes met een extra lage concentratie Salmonella. Een vervolgstudie was daarom niet nodig. De kwaliteit van één van de laboratoria kon niet worden getest omdat de toegestuurde monsters 25 dagen onderweg zijn geweest. Hierdoor kon Salmonella afsterven tijdens het transport. Dit blijkt uit het ringonderzoek dat het overkoepelende Europese laboratorium in oktober 2024 organiseerde.

    In totaal hebben 68 NRL's aan dit ringonderzoek meegedaan. Dat zijn de NRL's uit de 27 Europese lidstaten en 14 NRL's uit andere landen. De laboratoria gebruikten een verplichte, internationaal erkende analysemethode om Salmonella in veegdoekjes aan te tonen. Elk laboratorium kreeg een pakket toegestuurd met 16 veegdoekjes die kunstmatig waren besmet met drie verschillende concentraties Salmonella Typhimurium of zonder deze bacterie.

    Het ringonderzoek is georganiseerd door het Europese Referentie Laboratorium (EURL) voor Salmonella. Dit is gevestigd bij het RIVM. Een Belangrijke taak van het EURL-Salmonella is toezien op de kwaliteit van de NRL's-Salmonella in Europa.

  • ItemOpen Access
    Verkennend onderzoek naar temperatuur-sterfte relaties voor de doorontwikkeling van het Nationaal Hitteplan
    (Rijksinstituut voor Volksgezondheid en Milieu RIVM, 2026-03-05) O Klompmaker, J; Pereira argidhan, C; Hagens, W

    Het Nationaal Hitteplan bestaat sinds 2007 en is tot nu toe 19 keer geactiveerd. De verwachting is dat dit in de toekomst steeds vaker gebeurt. In 2024 en 2025 onderzocht het RIVM hoe effectief het Nationaal Hitteplan is en welke verbeterpunten er zijn. Met een epidemiologisch vervolgonderzoek is dieper gekeken naar de relatie tussen temperatuur en het sterfterisico. Omdat uit eerder onderzoek bleek dat ouderen het kwetsbaarst zijn, is in deze studie alleen de temperatuur-sterfte relatie in de leeftijdsgroep van 75 jaar en ouder onderzocht (in 2007-2019 mei-september).
    De resultaten tonen aan dat hoge nachttemperaturen leiden tot een verhoogd sterfterisico bovenop de risico's van hoge dagelijkse maximale temperaturen. Ook zijn de sterfterisico's bij hoge temperaturen groter aan het begin van het warme seizoen (mei-juni) dan aan het einde (augustus-september). Er zijn geen aanwijzingen gevonden voor verhoogde sterfterisico's bij abrupte temperatuurstijgingen. Ook blijkt dat verschillen in sterfterisico's tussen hitte-indicatoren en de (lucht)temperatuur beperkt zijn. De nachttemperatuur en variatie in risico's gedurende het seizoen kunnen mogelijk een belangrijke(re) rol krijgen bij overwegingen om het Nationaal Hitteplan te activeren.

    Het RIVM deed dit verkennend epidemiologisch onderzoek in opdracht van het Ministerie van Volksgezondheid, Welzijn en Sport in het kader van de opdracht Programma gezonde leefomgeving.

  • ItemOpen Access
    Eindverslag Vervolg Preventie Zorgstelsel 2025
    (Rijksinstituut voor Volksgezondheid en Milieu RIVM, 2026-02-27) van Helden, SAJF

    Het RIVM heeft de informatie over de ketenaanpakken overgewicht en obesitas bij volwassenen en bij kinderen en de GLI-kaart en -tabel beheerd en geactualiseerd en vragen over de Gecombineerde Leefstijlinterventie (GLI) beantwoord. Dit deed het RIVM in opdracht van het ministerie van VWS. Ook werd er een plan voor borging van deze informatie gemaakt. In deze kennisnotitie beschrijft het RIVM de belangrijkste resultaten. Vanaf 2026 blijft er ondersteuning beschikbaar voor gemeenten en GGD'en op het gebied van samenwerking tussen preventie en zorg, de ketenaanpakken over overgewicht en obesitas voor volwassenen en kinderen, en over de erkende GLI-programma's. Het locatie-overzicht van het GLI-aanbod wordt niet voortgezet, en omdat hier veel vraag naar is, beveelt het RIVM aan om een centrale plek te creëren waar heldere informatie over de GLI te vinden is.

  • PublicationMetadata only
    A Conceptual Framework for Safe-and-Sustainable-by-Design to Support Sustainable Business Model Innovation and New Product Development
    (2025-01-24) Stoycheva, Stella; Peijnenburg, Willie; Salieri, Beatrice; Subramanian, Vrishali; Oomen, Agnes G; Pizzol, Lisa; Blosi, Magda; Costa, Anna; Doak, Shareen H; Stone, Vicki; Livieri, Arianna; Kestens, Vikram; Garmendia, Irantzu; Rauscher, Hubert; Hunt, Neil; Hristozov, Danail; Soeteman-Hernández, Lya G
    To reach a sustainable future and meet the UN’s Sustainable Development Goals (UN SDGs), business model innovation (BMI) needs to explore theoretical and practical intersections of the traditional innovation management (IM) and new product development (NPD) processes with sustainability considerations. New environmental and health policy ambitions such as those presented in the European Green Deal and the EU Chemicals Strategy for Sustainability (CSS) challenge traditional IM theories on BMI and NPD processes. The Safe-and-Sustainable-by-Design (SSbD) concept is a central element of the CSS and demands a novel approach that integrates innovation with safety and sustainability (including circularity) of materials, products, and processes without compromising their functionality and/or commercial viability. Importantly, adopting such a concept can also prevent regrettable substitutions, future liability, and brand image issues for companies. To achieve this, companies must design products with minimal environmental impact, adopt circular economy principles, and ensure social responsibility throughout the value chain, while maintaining economic viability. By doing so, companies contribute to environmental, social, and economic sustainability. In this perspective, a conceptual framework is proposed on how to achieve sustainable BMI and NPD by integrating traditional IM tools with SSbD using life cycle thinking principles while considering external (changing legislation, new business standard requirements, competitive environments, technological developments, societal views) and internal drivers (company-specific targets, company culture, corporate strategy, management capabilities). SSbD and life cycle thinking should be embedded in newly developed training for IM professional designation. This is because innovation managers can play a key role in bringing this transition into practice.
  • PublicationMetadata only
    Direct Prediction of VLCADD Severity Using Newborn Screening Analyte Data
    (2026-03) Schwantje, Marit; Maase, Rose E; Dekkers, Eugenie; Ferdinandusse, Sacha; Vaz, Frédéric M; Hörster, Friederieke; Mütze, Ulrike; Grünert, Sarah C; Visser, Gepke; De Sain-van der Velden, Monique GM; Fuchs, Sabine A
    A critical concern of newborn screening (NBS) for very-long chain acyl-CoA dehydrogenase deficiency (VLCADD) is the difficulty of predicting clinical outcomes. To address this, we investigated neonatal C18:2-carnitine concentrations as a possible predictor of VLCADD phenotype. To investigate the impact of sex, gestational age (GA) at birth, sampling day and birth weight on C18:2-carnitine, we analyzed NBS-dried blood spots (DBS) from Dutch newborns born between 2018 and 2020 (n = 209.785). After normalization for resulting confounders, C18:2-carnitine concentrations were investigated in NBS-DBS (n = 15) and neonatal plasma (n = 35) of Dutch VLCADD-patients, and in German NBS-DBS (n = 6) and correlated with clinical severity and diagnostic assays. Results showed that C18:2-carnitine concentrations were affected by GA, sampling day, birth weight and, to a lesser extent, by sex. High C18:2-carnitine, normalized for GA, sampling day and birth weight, reliably identified all VLCADD-patients with (expected) severe phenotypes. The differentiating C18:2-carnitine was identified as linoleylcarnitine. In conclusion, this study shows that neonatal C18:2-carnitine concentrations can serve to predict disease severity directly after positive NBS for VLCADD. Patients with high C18:2-carnitine concentrations can be considered "severe" and require strict dietary treatment and close monitoring. Patients with low C18:2-carnitine concentrations can be identified as "mild" and only need preventive dietary measures.

Communities in RIVM Publications Repository

Select a community to browse its collections.

Now showing 1 - 2 of 2